Posts tonen met het label koran. Alle posts tonen
Posts tonen met het label koran. Alle posts tonen

donderdag 10 januari 2019

Introductie

If It Be Your Will (Leonard Cohen)

  
Terwijl de kerken leeglopen is er ook een beweging waar te nemen naar meer geloven, ook naar meer christelijk geloven. En we kennen waarschijnlijk allemaal wel iemand die de waarheid gevonden lijkt te hebben in Jezus Christus. Dat klinkt zo aanmatigend, te denken dat je de waarheid gevonden hebt. Toch zijn het niet allemaal eigenwijze en eigenzinnige mensen die dit denken, er zitten juist veel zachtaardige, onzekere en kwetsbare personen tussen. En als je ze vraagt waarom ze dat denken, dan zullen ze zeggen dat zij die waarheid niet zelf bedacht hebben maar dat dit staat in de Bijbel. Ze gaan er daarbij vanuit dat die Bijbel een betrouwbare en objectieve bron is voor “de waarheid”. Wat daarbij erg helpt is dat ze zich meestal omringd weten door “broeders en zusters” die hier ook niet aan twijfelen. Het wordt wel steeds lastiger voor hen nu de wereld om hen heen deze bron van waarheid steeds minder ziet zitten. Terwijl in moslimlanden bijna niemand er aan twijfelt dat de Koran de waarheid bevat, kun je dat in de Westerse, “christelijke” wereld al lang niet meer zeggen over de Bijbel. Aan de andere kant, kan het behoren tot een minderheid ook heel snel tot warme banden en meer overtuiging leiden.
Wie zijn dat deze mensen? Hoe denken ze en handelen ze? Je zou ze kunnen definiëren als de mensen die lid zijn van de EO, naar EO-jeugddagen gaan en/of graag de Opwekking conferenties  in Vierhouten of nu Biddinghuizen bijwonen. Ze gaan zondags naar Evangeliegemeenten, naar grote megakerken die overal zijn opgesprongen of naar een kleinere huisgemeente. Je vindt ze bij de Pinkstergemeenten en Volle Evangelie gemeenten, de Vrije Baptisten en nog veel meer. Ze gaan door de week naar Bijbelstudies of gebedssamenkomsten, leiden alfatrainingen, zingen mee in gospelkoren, spelen mee in gospelbands. Ze kijken wellicht naar de TV uitzendingen van Hour of Power en de afleveringen van het TV-kanaal Family 7.  Ze beschouwen zich “kinderen van God”, niet om zich op de borst te slaan maar omdat ze dat door de goedheid van God (door zijn genade) mogen zijn. En alleen maar omdat Jezus Christus, de Zoon van God, zichzelf gegeven heeft om te sterven voor hun zonden en zo de relatie met God weer te herstellen.

In deze blogs wil ik graag ingaan op wat dit betekent, de mooie kanten van dit geloof, maar ook de gevaren en het uiteindelijke dilemma van wat te doen als het ten slotte toch maar op hersenspinsels lijkt te berusten. Kun je de warmte en veiligheid van dit geloof behouden zonder het inhoudelijk te onderschrijven?

Voor iemand die deze manier van geloven niet heeft doorgemaakt is het lastig om er iets zinvols over te zeggen. In het EO-programma “Adieu God” wordt er ook nooit van deze God afscheid genomen. Het gaat dan om een God van de kinderjaren, de God van een religie, niet om het afscheid nemen van de relatie met  een liefdevolle Hemelse Vader, van Jezus, die je accepteert en liefheeft zoals je bent..  Daar neem je niet zo gemakkelijk afscheid van. Ik heb dat wel moeten doen en daarom wil ik er ook over schrijven, met sterke gevoelens van nostalgie, maar ook met een groeiend besef dat deze waarheid z’n langste tijd gehad heeft, dat er over een paar honderd jaar weinig nog van over zal zijn. En dat we toch op zoek moeten naar iets anders om  te kunnen  omgaan met de onzekerheid over waar we vandaan komen en naar toe gaan en wat er nog is buiten het waarneembare heelal, en met de onzekerheid over onszelf en onze plek in dit universum.



I've been touched. Written by James Easter


De kinderen van God komen niet alleen in de genoemde kerken en gemeenten voor, ze zijn ook wel blijven hangen in  traditionele kerken en in bijvoorbeeld de katholieke kerk. Er zijn ook “kinderen van God” die dit alleen nominaal en uit traditie zijn. Dit kan voorkomen bij tweede generatie gelovigen en ik heb het vermoeden dat  de grote “Evangelical” kerken in Amerika daar ook last van hebben.  Het woordgebruik  is dan wel “Evangelisch”  maar de evangelische kern is dan  (voor mij in ieder geval) onvindbaar. Die kern was voor mij wat de apostel Paulus (de belangrijkste eerste verspreider van het Christendom) schrijft in zijn brief aan de Filippenzen:
 
Filippenzen 3: 8b  (BGT)
Want het gaat om Christus, mijn Heer. Het enige wat ik wil, is bij Christus horen. Het gaat om Christus. Daarom heb ik al het andere opgegeven. Alles wat ik vroeger zo belangrijk vond, vind ik nu totaal waardeloos.
 
Tijdens mijn studie aan het Bible Training Institute in Glasgow (1969-70) kwamen we op zaterdagavond samen in het huis van een externe student. Het was op die avonden of de liefde van Jezus door ons stroomde als we baden en zongen en luisterden naar woorden uit de Bijbel en naar wat anderen daaruit hadden begrepen of naar wat ze met God hadden meegemaakt. Onder ons waren katholieke meisjes en twee jongens uit de anti-roomse kerk van Ian Paisley in Belfast. Maar wat een eenheid, wat een verbondenheid in het kennen van Hem die alles te boven gaat. We hadden iedere keer weer moeite om op te breken en op tijd  terug te zijn in het instituut.
 
Ik herinner me nog levendig hoe ik op een zaterdagochtend op weg was naar ons Bijbel-en-boeken kraampje op een markt elders in Glasgow. Het was enorm druk in de brede Argyle street en de mensen krioelden door elkaar heen.  Toen kwamen de woorden uit de bijbel tot me waar over Jezus staat:
 
 Mattheus 9:36 (NBG)
Toen Hij de scharen zag, werd Hij met ontferming over hen bewogen, daar zij voortgejaagd en afgemat waren, als schapen die geen herder hebben.
 
En een gevoel van geweldige dankbaarheid overspoelde me dat ik Hem had leren kennen, dat Hij mijn herder was geworden en ik wist het toen zeker, als je Jezus zo hebt leren kennen raak je dat nooit meer kwijt.
 
18 jaar later was ik het kwijt.
 
Wat is ons brein toch in staat om ons te geven waar we naar verlangen, die liefde, die warmte, die zekerheid die we te vaak missen. Evangelisch geloven lijkt daar (tot op zekere hoogte) in te voorzien, vooral als je het samen kunt beleven met broeders en zusters om je heen.
 
We hadden van 1976 tot 1988 met de Wycliffe Bijbelvertalers als bijbelvertalers en taalkundigen in Papoea Nieuw Guinea gewerkt. 23 jaar later, in 2011 ben ik nog eens 7 weken terug geweest en heb een vijftal weken in Kilifas waar we al die jaren gewoond en gewerkt hadden doorgebracht. Vroeger moest je vanuit het havenstadje Vanimo 2 – 3 dagen door de jungle lopen om in Kilifas te komen. Nu een Chinees-Maleis bedrijf bezig is het hardhout uit de jungle te slopen en daarvoor modderwegen heeft moeten aanleggen, kon ik nu per 4-wheel-drive in 5 uur de reis volbrengen.


Snelweg naar Kilifas (Papoea Nieuw Guinea)

De brief waarin ik m’n bezoek had aangekondigd was nooit aangekomen. Midden in de nacht en volledig onverwacht arriveerde ik in het dorpje. Zaklantaarntjes flitsten aan in de hutjes en de mensen kwam naar buiten en konden hun ogen niet geloven. Tranen van blijdschap en ontroering en een ontvangst als de teruggekeerde apostel Paulus.
 
Maar wat nu? Er werd van me verwacht dat ik zou gaan (s)preken.... Ik kon hen de teleurstelling niet aandoen om te zeggen dat ik  niet langer geloofde en nam een beslissing waarvan ik daarna heel veel spijt heb gekregen omdat ik hen daarmee niet als gelijkwaardig behandeld heb. Ik besloot om de rol maar te gaan spelen.... Dat is een aantal keren gebeurd en het opmerkelijke was dat als ik daar stond zomaar een knop om kon draaien en diezelfde passie weer voelde die ik van zo lang geleden nog kende, het besef van een God door wie we geliefd zijn. Terug op m’n slaapplek kwam dan de werkelijkheid weer terug en heb ik gehuild, gehuild en nog eens gehuild.
 
Het overtuigde me wel opnieuw dat ons brein in deze geloofsemoties kan voorzien en dat de bijbehorende software nog steeds ergens in mijn bewustzijn aanwezig is.  In een interview van Jacobina Geel met  Koert van der Velde in Schepper & Co (20-10-2014) vertelde hij dat hij als oplossing voor het post-christelijke tijdperk zag een opstelling waarbij de geloofsemoties konden blijven zonder te hoeven geloven. Bij zijn voorbeelden, gaat het allemaal om emoties die gekoppeld zijn aan bestaande religieuze verhalen en rituelen, zoals een Latijnse mis in een oude Katholieke Kathedraal, het luisteren naar de Matthäus Passion of je bevinden in een historische religieuze context. Ik kan me dat niet goed voorstellen. Het zou me  een verontschuldigen geven voor mijn gedrag in Kilifas, wel de religieuze emotie zonder het religieuze geloof. Maar als die emoties diep gaan dan worden ze onvermijdelijk afgestraft met diepe teleurstellingen. Het zou dan alleen moeten gaan om wat meer algemene emoties, emoties die je kunt voelen bij het luisteren naar mooie muziek en inderdaad de Matthäus of het  je bevinden in een eeuwenoude  kathedraal of het zien van een prachtig landschap. Maar die emoties zijn er altijd al geweest en vervangen de diepe religieuze emoties, die een betrouwbare en permanente basis nodig hebben, nog niet.
 
Bijna overal elders  in de wereld kunnen mensen wegvluchten en kracht ontvangen in hun duidelijk afgetekende religies, bij ons in het Westen is dat verleden tijd. Onze toewijding aan de ratio, de rede, heeft ons dat praktisch onmogelijk gemaakt. We hebben geen andere keuze, zo lijkt het wel, of is er toch een weg?
 
In deze blogs zal ik gaan vertellen hoe bij mij die weg van diep geloof naar ongeloof is verlopen, maar meer nog wil ik een inzicht geven in wat de kern is van dit evangelische geloof en hoe dit op de Bijbel gebaseerd is. Dat worden dus veel Bijbelgedeelten, in de nieuwe vertaling die Bijbel in Gewone Taal (BGT) heet. Dit is geen “Bijbel voor Dummies”, maar een serieuze poging om die bijbel in gewone taal door te geven en dat spreekt mij als ex-bijbelvertaler wel aan. Ook voor de lezers van deze blogs een gelegenheid om daar eens kennis mee te maken.
 
Het is niet de vertaling die veel kinderen van God het meest aanspreekt. Die zijn meestal “opgegroeid” met de vertaling van het Nederlands Bijbelgenootschap uit 1951 (NBG). Soms zullen we die er ook even bij moeten halen om de juiste sfeer te creëren.
 
Waar mogelijk hoop ik te laten zien hoe bepaalde Bijbelgedeelten de bron vormen voor teksten in  bekende spirituals, gospel liederen en bij zanger/dichters zoals Leonard Cohen of  terug te vinden zijn in ouden schilderijen. Verder gaan we kijken naar hoe het ontstaan ven de Bijbel verlopen is, hoe het Christendom is ontstaan en zich heeft ontwikkeld. Welke personen belangrijk zijn en zijn geweest voor gelovigen, denk maar aan Spurgeon, Corrie ten Boom, Brother Andrew, Nicky Cruz etc. En dan moeten we kijken naar onderwerpen die voor nadenkende kinderen van God best lastig zijn: schepping, positie van de vrouw, homoseksualiteit etc. En ten slotte waarom die “Waarheid” toch uitermate waarschijnlijk nooit DE WAARHEID kan zijn.
 
Voor meer:  Mijn Chrexit 

donderdag 9 februari 2017

Paas en Peels gaan God bewijzen.


God bewijzen, door Stefan Paas en Rik Peels  (2013)



Dit boek is niet voor iedereen, volgens de schrijvers, niet voor de overtuigde atheïst noch voor de niet te vermurwen gelovige. Ik kan me voorstellen dat de doorgewinterde atheïst er inderdaad geen belangstelling voor heeft, maar de overtuigde gelovige zal het vast wel willen lezen om bewijzen te verzamelen voor zijn/haar geloof, want die zijn nu één keer niet zo gemakkelijk zelf te bedenken.

Ze zouden wel eens teleurgesteld kunnen raken want de “god” die hier bewezen wordt, is wel een hele abstracte:

Het boek zou onleesbaar worden als we steeds iets moesten schrijven als ‘god(in)(n)en’. Praktisch ligt het daarom voor de hand om te spreken over ‘God’, zonder dat we daarmee per se de joods-christelijke of islamitische god bedoelen.

Dat houdt in dat ook het object van wat Boeddhisten geloven en Papoea’s (meestal zonder concept  van “god”) en de Amerikaanse Indianen met hun natuurgeloof  etc. het etiket “god” mee krijgt. Het zou dan dus gaan om geloof in een soort transcedent iets, “ietsisme” derhalve.

En dat is dan ook meteen het probleem bij dit soort werken. Niemand kan echt weten of er niet iets abstracts bestaat wat voor en voorbij alle dingen existeert. Het heeft weinig zin om over het bestaan van zo’n abstracte “god” te discussiëren.

Tegen de argumenten voor geloof in deze “god” is niet veel in te brengen, je mag dat geloven als je wilt. Maar de schrijvers wisselen regelmatig de argumenten voor geloof in deze “god” in voor een niet altijd duidelijk benoemde specifieke “god”. Argumenten rond zingeving en moraal, zijn nu één keer niet te verkrijgen bij deze abstracte “god”, slechts bij specifieke goden en hun bijbehorende geschriften.

De “God” waar Westerse mensen massaal afstand van doen en niet in kunnen geloven is de specifieke God van de diverse religieuze tradities.  Paas en Peels komen er ook niet onderuit om het hierover te hebben en het is frappant dat argumenten vanuit deze tradities, vrijwel geheel beperkt blijven tot de christelijke. Niet erg overtuigend als het je gaat om de globale "god", ook die van de Islam, bijvoorbeeld.

De belangrijkste en controleerbare "bewijzen" zijn dan de volgende:

  • We kunnen op den duur niet zonder geloof in God om normen en waarden in stand te houden.

Geloof in God zou je voorzien van normen en waarden:

Onze vraag is een andere. Hij luidt: is leven zonder geloof in God voor onze beschaving universeel en op de lange termijn houdbaar?

Wat is de toekomst van onze idealen en moraal, wanneer geloof in God steeds verder in onze achteruitkijkspiegel verdwijnt?

Ook hier blijft het boek steken in een gebrek aan precisie. Er wordt nog wel op gewezen dat er in het Islamitische Saudi-Arabië veel minder misdaad voorkomt, maar de moralistische regels van een geloof zitten nu één keer vervat in de boeken die aan die diverse goden worden toegeschreven. Daar, in de claims van die boeken, zoals de Bijbel en de Koran, liggen de problemen die aan een geloof in “god” verbonden zijn. Geloof in de abstracte “god” van Paas en Peels bezorgt geen moreel kompas, zo’n concreet kompas vind je alleen in de documenten van de diverse religies. En die kompassen zijn ook door mensen, uit een vaak ver vervlogen verleden tijd nog wel, samengesteld.

Een objectief universeel moreel kompas zou wellicht wel handig kunnen zijn, maar hebben Paas en Peels dan nog niet iets beters aan te bieden dan de Koran of de Bijbel?

  • Zonder geloof in God wordt zingeving op den duur problematisch.

Hoelang kunnen mensen blijven geloven in waarden die in hun eigen ogen niet meer zijn dan culturele constructies?

Daar geloof in een geabstraheerde “god” ook moeilijk voor zingeving kan zorgen, moet het ook hier wel gaan om een specifieke, bijv. de christelijke en wel de heel vaak primitieve culturele constructies van de bijbel. Daar schiet je wat verdedigbare culturele constructies betreft ook niet mee op. Dan moet je toch maar eerst kiezen voor een religie die wel wat bij je past:

Geen mens kan in alle goden geloven, omdat veel van die goden elkaar conceptueel uitsluiten. Bovendien is het buitengewoon veel werk om alle goden te vereren die er ooit vereerd zijn; ‘geloven’ houdt nu eenmaal meer in dan een hokje afvinken. Je zou er meer dan een dagtaak aan hebben.

Ook hier geldt kennelijk: lever je eigen culturele constructies maar in voor de constructies van anderen uit een ver verleden. Van culturele constructies kom je zo, helaas, niet af. En het te bewijzen object blijkt ineens intern conceptueel nogal verdeeld. Wat moet er dan bewezen worden?

  • Je hoeft niet te bewijzen dat God bestaat, zij moeten bewijzen dat hij niet bestaat.

Stel dat iemand zegt dat de Holocaust nooit heeft plaatsgevonden. Zou je dan omslachtig bewijzen gaan zoeken om aan te tonen dat er toch heus zes miljoen Joden zijn omgebracht? Je kunt dat natuurlijk doen, maar het is verstandiger om te zeggen: ‘Je kletst uit je nek. Kom eerst maar eens met bewijzen’. Als de ander vervolgens zegt: ‘Wie wat ontkent, hoeft niets te bewijzen’, dan zouden we dat heel vreemd vinden. In het algemeen vinden we dat mensen die iets ontkennen wat voor heel veel mensen gesneden koek is, maar moeten aantonen dat ze gelijk hebben. Maar zodra het over God gaat, komen religiebestrijders weg met dit soort flauwekul. En velen zijn ervan onder de indruk. Waarom is dat zo? Dat heeft naar ons idee veel te maken met de slechte reputatie van religie in het Westen.

Weer een buitengewoon vreemde redenering die voor het gemak maar weer even uitgaat van die abstracte “god”. Misschien is het wel waar dat een meerderheid van de mensen gelooft dat er wel “iets” is en dat zou je dan ook niet hoeven te bewijzen. Maar de vraag naar het bestaan van "God" is voor verreweg de meesten de vraag naar het bestaan van een specifieke God, Jezus, Allah, Jahweh, Vishnoe, Lou de palingboer,  etc. en moeten wij dan bewijzen dat die allemaal niet bestaan?

  • Als je in Jakarta geboren was, was je moslim geweest en dat is geen probleem

Hier vindt nogmaals een merkwaardige redenering plaats: uiteraard heb je de meeste kans te geloven in de god die in jouw omgeving aanbeden wordt, so what? What is the problem?

Vreemd dat ze hier geen probleem zien. Dit kan alleen maar doordat de schrijvers even afscheid nemen van hun achterliggende religieuze model, namelijk het Christendom  en de bij haar horende geschriften, met daarin een God die “de wereld  alzo lief had” maar dat kennelijk maar heel lokaal aan de man wist te brengen. Natuurlijk als het gaat om geloof in “iets” waar we eigenlijk niks van weten, kun je verwachten dat er regionaal verschillende interpretaties ontstaan.  Maar als het gaat om geloof in de Bijbel met een God die heel anders is dan andere goden en een plan voor verlossing heeft voor iedereen, dan is het wel vreemd dat de religie van die God zich op dezelfde regionale manier verspreidde als de religies van andere goden. Wat hier wellicht ook in meespeelt is  de calvinistische achtergrond van de schrijvers, waarbij de uitverkiezende God er in eerste instantie voor koos het grootste deel van de wereld maar links te laten liggen.

Mijn conclusie is dan ook dat dit een nogal verward werk is, waar achterliggende (christelijke) overtuigingen gemaskeerd worden door te focussen op een zeer abstracte godheid. Op deze manier wordt er niets bewezen.

dinsdag 17 mei 2016

De overspelige vrouw.

Verdenking van overspel.

Your Cheating Heart  HANK WILLIAMS

Wat kun je doen als je je partner van overspel verdenkt? In het Oude Testament wist god daar wel raad mee:
Numeri 5:11-31 (SAMENVATTING)
Wat kan een man doen als hij zijn vrouw van overspel verdenkt? Hij kan haar naar de priester brengen die haar dan aan een test zal onderwerpen. Die gebruikt daarvoor bitter water. Haar slechte daden worden opgeschreven en afgewassen in dit bittere water. Dan zal hij haar het bittere water laten drinken en als ze dan inderdaad ontrouw is geweest  zal dit bittere water haar buik opblazen en haar ernstig straffen.

Wat moet je met zo’n verhaal? Evangelische predikheren zijn zeer vindingrijk en kunnen  in alle verhalen in het Oude Testament wel een “christelijke boodschap” vinden. Dat ging me zelf ook wel goed af. In Papoea Nieuw Guinea wordt een plantengif gebruikt om vissen bewusteloos te maken. Je gooit het in het water en de vissen komen dan bovendrijven. Dit gif wordt regelmatig gebruikt door mensen, meestal vrouwen, die een einde aan hun leven willen maken.  In Kilifas, het dorpje waar we woonden, heette dit gif “ani” en mijn “preek” liep dan (ingekort) als volgt:


In een droom zag ik de politie die uit de stad naar ons dorp kwam en mij wilde arresteren. Ze waren er achter gekomen dat ik een groot zondaar was. Daarop werd ik meegenomen naar de stad (Vanimo) en in de gevangenis gestopt. Toen kwam de rechtszaak en de rechter ging voor me staan met een beker in zijn hand. Hij zei: “Ik geef je dit ani-water en als je onschuldig bent, zal het je niets doen, maar anders gaat het je vernietigen.”

Ik wist hoe slecht ik was en schreeuwde het uit van angst: “Mijn god, Mijn god, waarom hebt u mij verlaten. Neem deze beker toch van me weg......”

Daarop ging plotseling de deur van de rechtszaal open en kwam er iemand binnen: Jezus! Hij keek me vol mededogen aan, liep naar de rechter toe en pakte de beker uit zijn hand. “Ik zal jouw zonden dragen”, zei hij tegen mij en dronk het giftige water. Dat zorgde voor enorme pijn en scheurde hem kapot, maar hij was sterk genoeg om het te overleven en ik.... ik was vrij.




Dat heeft Jezus voor ons gedaan, onze zonden heeft hij op zich genomen en, beste vrienden, dat wil hij ook voor jou doen als je je vertrouwen op Hem stelt.


En zo heb je dan ook een gruwelijke gewoonte om kunnen zetten in een boodschap voor het hart.


Gorden Mote / Gaither production

De god van de gelovigen was niet mals als het ging om ontrouw. Een groot deel van de Nederlandse bevolking zou nu al gestenigd zijn:
Leviticus 20:10
0 Een man die naar bed gaat met een getrouwde vrouw, moet gedood worden. Want ze is de vrouw van een ander. Ook de vrouw moet gedood worden.

En je kon als vrouw maar beter geen gebroken maagdenvlies hebben voor je huwelijksnacht. Om dat te bewijzen moest je er voor zorgen dat een beetje bloed achterbleef op het kleed waarop je lag. Want als je je maagdelijkheid niet kon bewijzen kon de man zo definitief (jawel, dodelijk) van je af komen:


Deuteronomium 22
20 Maar stel dat er geen bewijs is dat de vrouw nog maagd was. Dan heeft de man toch de waarheid gesproken. 21 Dan moet de vrouw teruggebracht worden naar het huis van haar ouders. En daar moeten de inwoners van de stad haar met stenen doodgooien. Want zij heeft iets gedaan wat in Israël een schande is. Ze heeft met iemand geslapen, terwijl ze nog niet getrouwd was.



Voor vrouwen waren de regels strenger dan voor de mannen. Vrouwen mochten met niemand anders seks hebben dan met hun man, mannen mochten dat nog wel met maagden die geen familie waren. Die moesten ze dan wel trouwen.

Steniging van de overspelige vrouw, je komt die gewoonte in het Nieuwe Testament ook tegen. Maar hier zie je dat “zo Vader, zo Zoon” niet altijd opgaat, want Jezus (de gedoodverfde Zoon van God), laat een overspelige vrouw ongestraft gaan.

De geestelijke leiders in die dagen wouden wel eens weten of Jezus wel respect had voor de wet van hun voorvader Mozes en kwamen hem bevragen over een vrouw die op overspel betrapt was. “Vindt u ook niet dat ze gestenigd moet worden?” vroegen ze hem. Jezus had daarop een gewiekst antwoord:



Johannes 8:


[7  Hij zei: ‘Wie van jullie heeft nooit iets verkeerds gedaan? Die moet als eerste een steen naar de vrouw gooien.’ 8 Daarna boog Jezus zich opnieuw voorover en schreef weer met zijn vinger in het zand.


9 Toen liepen de mensen één voor één weg, de leiders van het volk het eerst. Jezus bleef alleen achter met de vrouw die bij hem gebracht was. 10 Hij kwam overeind en zei tegen haar: ‘Waar is iedereen gebleven? Heeft niemand je veroordeeld?’ 11 De vrouw zei: ‘Nee, Heer, niemand.’ Toen zei Jezus: ‘Ik veroordeel je ook niet. Ga naar huis, en doe vanaf nu geen verkeerde dingen meer.’]


Dit kan kinderen van god zeer ontroeren en het is een verhaal dat veel wordt aangehaald als het gaat om de vergevende genade van God. Zo lief heet Jezus ons dat hij ons, ook onze ergste zonden wil vergeven. Voor wie hier objectief naar kijkt is het moeilijk om te zien dat het Jezus ook maar iets heeft gekost om haar te zeggen dat hij haar niet veroordeelde, ze had hém immers niets aangedaan..... Wij hadden dat ook kunnen zeggen als we die vrouw ontmoet hadden. Maar het blijft een mooi verhaal, jammer dat het niet voorkomt in de vroegste manuscripten van Johannes en in moderne vertaling of weggelaten wordt of als toegevoegd gemarkeerd, bijvoorbeeld door er haken [..] omheen te plaatsen.


Cast the First Stone (the Isaacs)

Gelovigen hebben ook vaak het idee dat het vrouwen goed afgaat binnen het christendom en dat overspelige vrouwen bij moslims volgens de Koran gestenigd moeten worden. Dat blijkt niet perse zo te zijn, steniging in ieder geval helemaal niet, zweepslagen wellicht.

Er bestaat een vermakelijke Hadith (d.w.z. een verhaal over het handelen en spreken van de Profeet), dat gaat als volgt:

De man die zijn vrouw van overspel beschuldigt maar geen overtuigende bewijzen heeft, moet vier keer zeggen dat hij de waarheid spreekt. De vijfde keer zal hij zeggen: “Allah’s vloek ruste op mij als ik tot de leugenaars behoor.” Dit overkwam Hilal bin Umaiya die zijn vrouw van het hebben van een buitenechtelijke seksuele relatie met Sharik bin Sahma beschuldigde.

De vrouw zelf mocht daarop vier keer in de naam van Allah verklaren dat haar man een leugenaar was. Er moest nog een vijfde keer volgen en iedereen was doodstil want ze aarzelde een tijdje, maar verklaarde uiteindelijk toch dat de toorn van Allah over haar zou zijn mocht haar man de waarheid spreken.


Ze werd vrijgesproken.

De profeet zei daarop: “Als zij bevalt van een kind met zwarte ogen en met grote heupen, dan is het Sharik bin Sham's kind. Later beviel de vrouw van een kind dat er precies zo uit zag als de profeet had beschreven. Waarop de profeet zei: "Als deze zaak al niet geregeld was door de wetten van God, dan zou ik haar streng straffen."( Sahih Al-Bukhari Hadith, Hadith 6.271 overgeleverd door Ibn Abbas)


Religieuze boeken kunnen interessante verhalen bevatten en ons veel leren over hoe er door onze vroege voorouders gedacht en gehandeld wordt. Het wordt griezelig als men  de normen, waarden en straffen van toen ook nu toe wil passen.

donderdag 1 oktober 2015

Wil de Ware Jezus opstaan.


Klik hier voor volledige weergave in Browser


                     Wat weten we echt van Jezus?

  1. Jezus, Jood en Superstar
  2. Jezus. Messias, genezer en exorcist
  3. Jezus, Kerst en Kindermoord
  4. Jezus, de Waarheid die stierf
  5. Jezus, Johannes en Nag Hammadi
  6. Wil de Ware Jezus opstaan.


Wil de Ware Jezus opstaan.
 

Zijn zoals Hij.
 

Voor kinderen van god begint het nieuwe leven met het toelaten van Jezus in hun hart. Daarna moet Zijn karakter zich steeds verder in hen vormen, of in andere woorden, ze moeten steeds meer op Hem gaan lijken. Dit gebeurt dan niet door daar erg je best voor te doen, maar bijna automatisch door maar dicht bij Hem te leven. Gebed en het lezen van de bijbel (als voedsel voor de ziel) zijn daarbij de belangrijkste middelen, maar ook het samenzijn met andere gelovigen en toch ook wel ‘gehoorzaamheid’, want daar komen ook kinderen van god uiteindelijk niet onderuit.

De Jezus op wie men dan wil gaan lijken is een heel erg geromantiseerde Jezus. Deze Jezus is vol liefde, oneindig geduldig, barmhartig, teder etc. De apostel Paulus geeft een prachtige uiteenzetting over wat Liefde is, waar zonder niets waarde heeft. Hier is een deel ervan: (1 Cor 13:  BGT )

Wat is liefde?

4 Liefde is: geduldig en vriendelijk zijn.

Liefde is: niet jaloers zijn, niet vertellen hoe goed je bent, jezelf niet belangrijker vinden dan een ander.

5 Liefde is: een ander niet beledigen, niet alleen aan jezelf denken, geen ruzie maken en geen wraak willen nemen.

6 Liefde is: blij worden van het goede, en een hekel hebben aan het kwaad.

7 Door de liefde verdraag je alles wat er met je gebeurt.

Door de liefde blijf je geloven en vertrouwen.

Door de liefde blijf je altijd volhouden.



Jezus is God en daarmee perfect. Hij zou dus zondermeer aan al deze kwaliteiten moeten voldoen. Laten we daar zo maar eens kritisch naar kijken, want om iemands karakter te beoordelen  moet je niet zien naar wat hij zegt, maar naar hoe hij zich gedraagt. Het kindergezegde, "Wat je zegt dat ben je zelf" gaat hier niet op. Jezus zegt bijvoorbeeld over zichzelf dat hij “zachtmoedig is en nederig van hart (NBG)”. Maar is hij dat wel?

In het ritme van de Rabbi


Henk Stoorvogel, oprichter van de 4e Musketier en voorganger van de VEZ in Zwolle, schreef een boek “Jezus Leven”. Ik zal hier zo nu en dan naar verwijzen om te laten zien hoe Jezus in gelovige kringen geportretteerd wordt. Het grote probleem met evangelische schrijvers over Jezus is dat ze al zo voorgeprogrammeerd zijn dat ze nauwelijks nog objectief naar de gegevens kunnen kijken en (zonder dat wellicht met opzet te doen), feiten die niet goed uitkomen eenvoudigweg verzwijgen.

Jezus als infant terrible


In de geaccepteerde bijbel komen we  heel weinig informatie tegen over Jezus als kind. Het kan niet eenvoudig geweest zijn om als god in een kinderlichaam op te moeten groeien...  Kinderen van God denken daar maar niet te veel over na. Het enige verhaal dat we in de Bijbel hebben, staat in Lucas.

Hier wordt verteld dat Jezus op twaalfjarige leeftijd met z’n ouders naar het Pesach feest was geweest. Men reisde toen in kleine gezelschappen  en toen zijn ouders hem de eerste dag op de terugweg niet zagen, gingen ze er in eerste instantie vanuit dat hij wel ergens anders bij vriendjes meereisde. Toen hij wel erg lang uit zicht bleef, gingen ze hem zoeken , vonden hem nergens en keerden allerijl, hevig verontrust terug naar Jeruzalem. Daar vonden ze hem in gesprek met de dominees van die tijd.

Lucas 2:  (BGT)

Jezus gaat mee naar Jeruzalem

41 Elk jaar gingen Jozef en Maria naar Jeruzalem om het Joodse Paasfeest te vieren. 42-43 Op een keer ging Jezus met zijn ouders mee. Hij was toen twaalf jaar.

Na het feest gingen Jozef en Maria naar huis. Maar Jezus bleef in Jeruzalem, zonder dat zijn ouders dat wisten.44-45 Ze dachten dat hun zoon met familie of vrienden meeliep. Pas ’s avonds gingen ze hem zoeken. Maar ze konden hem nergens vinden. Toen gingen Jozef en Maria terug naar Jeruzalem, om Jezus daar te zoeken.

Jezus is in de tempel

46 Jozef en Maria vonden Jezus na drie dagen. Hij zat in de tempel bij de leraren die daar waren. Hij luisterde naar hen en stelde vragen. 47 Iedereen die hem hoorde praten, was verbaasd. Want hij zei heel verstandige dingen.

48 Toen zijn ouders Jezus vonden, waren ze onder de indruk. Maria zei: ‘Jongen, waarom heb je dat gedaan? Je vader en ik waren ongerust. We hebben je overal gezocht.’ 49 Jezus antwoordde: ‘Waarom hebben jullie mij gezocht? Ik moet doen wat mijn Vader bepaald heeft. Dat weten jullie toch?’ 50 Maar Jozef en Maria begrepen niet wat hij bedoelde.

51 Toen ging Jezus met zijn ouders mee terug naar Nazaret, en hij was hun gehoorzaam. Toch bleef zijn moeder nadenken over alles wat er gebeurd was.

52 Jezus groeide op, en hij werd steeds wijzer. God hield van hem, en de mensen ook.

Dit jongetje komt bij mij over als een verwaande snotneus, die zijn ouders niet wist te respecteren. Ze drie dagen in grote onrust naar hem liet zoeken.   Geen teken  van een liefdevol karakter dat zich zelf niet hoger acht dan anderen en zijn verontschuldiging komt ook er ook op neer dat hij zichzelf nogal belangrijk vindt.

Maar goed, Paulus had z’n brief over de liefde nog niet geschreven en Jezus had er dus nog geen kennis mee kunnen maken. In zijn boek over Jezus laat Stoorvogel deze nare kant van Jezus volledig uit beeld en vertelt hij alleen over de grote kennis die Jezus zo jong al had.

Er waren andere verhalen over Jezus in circulatie de eerste eeuwen van het Christendom, o.a. in het Kind-evangelie van Thomas. Hierin wordt verhaald over het gedrag van Jezus toen hij 5 – 12 jaar oud was. Ook het eerder genoemde verhaal wordt erin vermeld. Hier nog een ander vermakelijk incident:

2:1 Toen dit kind, Jezus, vijf jaar oud was, was hij  aan het spelen bij een doorwaadbare plek in de beek.  Hij ving het stromende water op in kuilen en maakte het water direct zuiver. Hij hoefde het maar te zeggen en het gebeurde. 2. Daarop pakte hij zachte modder en boetseerde er 12 mussen van.

Het was echter zaterdag (de Joodse rustdag) en één van de kinderen die met hem speelden liep gauw naar z’n vader Jozef toe om te klikken over wat Jezus op de sabbat had gedaan. Jozef stormt dan op zijn zoontje af en bestraft hem..

2:4b Maar Jezus klapte in zijn handen en riep naar de mussen: “Weg wezen!” En de mussen vlogen al tsjilpend weg

Nou was er ook één stout jongetje dat een wilgentak pakte en daarmee het water dat Jezus verzameld had weg liet stromen.

 3:2 Jezus werd geïrriteerd toen hij zag wat er gebeurd was en zei tegen hem: “Jij onrechtvaardige, respectloze idioot. Wat hebben die plassen water jou aangedaan. Kijk, nu zul jij ook verdorren als een boom en je zult nooit takken dragen of wortel schieten en vrucht voortbrengen.”

Dat gebeurde dan ook onmiddellijk. Het jongetje verschrompelt helemaal.  De ouders van de jongen komen zich dan bij Jozef  beklagen:

3:3b “Wat voor kind hebt u eigenlijk die zulke dingen doet!?”

Inderdaad wat voor kind was die Jezus wel niet. Het houdt daar ook niet mee op, maar gaandeweg in het verhaal gaan we de betere kant van Jezus zien als hij ook geneest en op andere manieren helpt. Het is zeker geen antichristelijk verhaal, was als waar gebeurd, wijdverspreid in de toenmalige christelijke wereld, zeker in het Midden Oosten. Zozeer zelfs dat je de klanken ervan in de Koran tegenkomt.

Koran Sura 5:110

God zal zeggen: “Jezus, zoon van Maria, denk aan de genade die ik u en uw moeder verleend heb. Hoe Ik u met de Heilige Geest gesterkt hebt zodat u tot de mensen kon prediken vanuit uw kribbe en als volwassene. Hoe Ik u heb onderricht in het Boek en in Wijsheid, in de Torah en het Evangelie. Hoe ik u toestond om uit klei de gelijkenis van vogels te boetseren en hoe u daarin blies waarop Ik het levende wezens liet worden. “

Net zoals veel kinderen van god nu, dachten velen toen dat god nu een keer het recht heeft wraak te nemen. En Jezus was immers God.

Jezus breekt het 5de gebod.


Dat Jezus het 5de gebod in de 10 geboden een beetje aan z’n laars lapte om zijn ouders te eren, kom je ook in de passage tegen waar z’n moeder en broers hem willen spreken:

Mattheus 12: (BGT)

De familie van Jezus komt bij hem

46 Terwijl Jezus nog tegen de mensen aan het praten was, kwamen zijn moeder en zijn broers. Ze bleven buiten staan. Ze wilden Jezus spreken.

47 Iemand zei tegen Jezus: ‘Uw moeder en uw broers staan buiten. Ze willen u spreken.’ 48 Jezus zei tegen hem: ‘Wie is mijn moeder? En wie zijn mijn broers?’ 49 Toen wees hij naar zijn leerlingen. En hij zei: ‘Dat is mijn moeder! Dat zijn mijn broers! 50 Mensen die doen wat mijn hemelse Vader wil, die zijn mijn broer, mijn zus en mijn moeder.’


Jezus en je vrouw.

Je komt dat soort situaties ook wel tegen in vaak wat extreme religieuze kringen zoals bij de Jehova Getuigen, De Noorse Broeders etc. waar het geloof een goede relatie met ongelovige/anders gelovige familie onmogelijk maakt. Bij Jezus gaat het zelfs zover er dat hij je kan vragen je  vrouw voor Hem te verlaten. Hij wil dan echt alles zijn in je leven:

Mattheus 4: (BGT)

Jezus kiest zijn leerlingen uit

18 Op een dag liep Jezus langs het Meer van Galilea. Daar zag hij twee broers: Simon, die ook wel Petrus genoemd wordt, en Andreas. Het waren vissers. Ze gooiden hun netten uit in het water. 19 Jezus zei tegen hen: ‘Kom, ga met mij mee. Ik zal jullie leren om mensen te vangen in plaats van vissen.’ 20 Meteen lieten ze hun netten liggen, en ze gingen met Jezus mee.

21 Een eindje verder zag Jezus twee andere broers: Jakobus en Johannes. Hun vader heette Zebedeüs. Ze zaten in hun boot netten te repareren, samen met hun vader. Toen Jezus de twee broers riep, 22 gingen ze meteen met hem mee. Ze lieten hun vader in de boot achter.

Het ging hier niet om even een paar dagen er tussenuit maar om een nieuwe blijvende levensvulling. Die beste Petrus was notabene getrouwd en moet die vrouw (en kinderen wellicht) nu zo maar achterlaten. Stoorvogel blijft daar niet te lang bij hangen, hij geeft er een spannende draai aan, die het onprettige van deze eis van Jezus doet vergeten”:

"De mannen die er als jongetjes van droomden dat zij ooit profvoetballer konden worden krijgen vanuit het niets de gelegenheid om aan te haken bij een team uit de Champions League. Het is alsof er plotseling een lange, zwarte limousine bij het strand van Kafarnaüm stopt en Messi uitstapt. Hij nodigt de jongemannen die zich hebben neergelegd bij een carrière in de 4e klasse van de KNVB uit om een paar jaar bij hem stage te lopen. En Messi verzekert de verbouwereerde jongens: ‘Als jullie maar precies doen wat ik zeg, beloof ik jullie dat jullie over drie jaar bij mij in het eerste spelen.’"

Jezus Leven p. 49 (E-editie)

Petrus heeft het daar later  nog wel eens over met Jezus, dat hij alles, ook zijn vrouw, voor Hem verlaten heeft. Jezus antwoordt dan:

Mattheus 19: (BGT)

29 Als je bij mij wilt horen, moet je bereid zijn om alles op te geven: je broers en je zussen, je ouders en je kinderen, je huizen en je land. Maar je krijgt er honderd keer zo veel voor terug. En je zult het eeuwige leven krijgen.’

Jezus vond zichzelf duidelijk belangrijker dan anderen  en hij dacht alleen aan zichzelf  en was bepaald niet vriendelijk tegen de vrouw en andere familie van z’n volgelingen. Ik zou weinig tijd hebben voor een rondreizende predikheer die zoiets van mensen durfde te vragen.

Jezus vervloekt een onschuldige  vijgenboom.


Marcus 11:: (BGT)

Jezus vervloekt een vijgenboom

12 De volgende dag gingen Jezus en de leerlingen weer weg uit Betanië. Onderweg kreeg Jezus honger. 13 Hij zag in de verte een vijgenboom vol bladeren. Hij liep erheen. Hij hoopte dat er vijgen aan zouden zitten. Maar hij vond niets, alleen maar bladeren. Want voor vijgen was het niet de goede tijd van het jaar.

14 Jezus vervloekte de boom. Hij zei: ‘Niemand zal ooit nog vijgen van jou eten!’



Mattheus voegt nog toe (21:20): En meteen verdorde de boom.20 De leerlingen zagen het en waren verbaasd. Ze vroegen: ‘Hoe kan het dat die boom meteen verdort?’


We zien Jezus hier heel irrationeel , ongeduldig en wrokkig handelen. Van een vruchtenboom kun je geen vruchten verwachten als het de tijd er nog niet voor is.

Kinderen van god hebben het ook best moeilijk met dit verhaal en ze citeren dan ook liever de versie in Mattheus waar verzwegen wordt dat het de tijd nog niet was voor vijgen. Wie het toch waagt om hierover na te denken komt met de meest fantastische verklaringen. Bijvoorbeeld die van M.J. de Haan:

Uitleg: De gebeurtenis met de vijgenboom was een symbolische handeling met een dieperliggende betekenis.
 Jezus had eigenlijk helemaal geen honger en hij was helemaal niet boos. Hij deed dit om zijn discipelen eraan te herinneren hoe hij eerder in de woestijn toen hij honger had door de duivel werd verzocht en niet aan de verzoeking toegaf. Het was allemaal dus alleen maar een educatief toneelspel, bedoeld om de herinnering weer wat op te frissen.

Tja, zo kun je wel een eindje verder fantaseren en kinderen van god moeten dat ook wel om de ongunstige kanten van het karakter van Jezus, zoals hij beschreven wordt, niet te hoeven zien.

Het betekent wel dat gelovigen naast de bijbel die een helder licht op hun pad had moeten zijn, ook nog een (orthodox evangelische) culturele en theologische encyclopedie nodig hebben om alles goed te kunnen begrijpen.

De gewelddadige Jezus.

Jezus schuwde geweld ook niet als hij dacht dat het  nodig was. Bij de tempel had je handelaren waar je een vogel of ander dier kon kopen om te offeren, als je bijvoorbeeld zelf geen dieren had. Eigenlijk best een zinvolle opzet, maar het stuitte Jezus tegen de borst, dus liep hij rond en kieperde  de tafels van al die handelaren omver en gebruikte een zweep om iedereen en alles te verjagen.
Marcus 11:18 (BGT)

Jezus jaagt handelaars de tempel uit


15 Jezus en de leerlingen kwamen weer in Jeruzalem. Jezus ging de tempel in. Daar zaten handelaars, die geld wisselden en duiven verkochten. Jezus begon de handelaars en hun klanten weg te jagen. De tafels en stoelen van de handelaars gooide hij omver. 16 En hij hield iedereen tegen die met spullen over het tempelplein liep.

In het Johannes evangelie gaat het er  nog bonter om toe:

Johannes 2 (BGT):

Jezus jaagt handelaars de tempel uit


13 Vlak voor het Joodse Paasfeest ging Jezus naar Jeruzalem. 14 In de tempel zag hij handelaars die geld wisselden en mensen die koeien, schapen en duiven verkochten.
15 Toen maakte Jezus van een stuk touw een zweep, en daarmee begon hij iedereen weg te jagen. Alle koeien en schapen jaagde hij de tempel uit. Hij gooide de tafels van de handelaars omver, zodat al het geld op de grond viel. 16 En hij riep tegen de duivenverkopers: ‘Weg met die duiven! Jullie maken een markt van het huis van mijn Vader!’

Conclusie


Of Jezus echt zo onvriendelijk, slecht gehumeurd, wrokkig, arrogant en egocentrisch was weten we niet. Zou hij zijn volgelingen echt opgeroepen hebben om hun vrouwen en kinderen maar te verlaten en respecteerde hij zijn eigen ouders niet? Wíj kunnen dit nog aan legendevorming toeschrijven, maar de arme kinderen van God die steeds meer op hem willen lijken, hebben hier wel een probleem. Wat ze ook niet van hem kunnen leren is hoe je met je partner omgaat of met je kinderen of met je baas en collega's, want Jezus was nooit getrouwd, had geen kinderen, geen baantje en dus geen baas en collega's. Kinderen van God proberen dan ook niet op deze Jezus te lijken, maar op een in de legendevorming geromantiseerde Jezus. Op zich is daar natuurlijk niets op tegen, maar ik heb er in de zevenentwintig jaar dat ik kind-van-god ben geweest niet veel van terecht zien komen, noch bij mezelf noch bij mijn medegelovigen en dat was wel het neusje van de zalm (mijn medezendelingen). En het idee dat dit automatisch  gebeurt in "gemeenschap" met Jezus, kan ook wel gevaarlijk worden omdat het de focus verplaatst van onze verantwoordelijkheid om goed te doen.

Het “feit” dat hij duizenden boze geesten verdreef en vele zieken weer beter maakte, is nu niet iets waaraan het gemiddelde kind van god zich zal wagen.  Blijft over dat Jezus zich overgaf om voor hun zonden te sterven en rond dit thema wordt dan de sterk geromantiseerde Jezus gecreëerd, vol liefde en bewogenheid.

Voor de buitenstaander lijkt het erop dat hij een  zinloze en onnodige dood is gestorven. Stoorvogel (en zijn medegelovigen) hebben het over een wereldschokkende gebeurtenis:

Jezus’ sterven en dood gingen gepaard met duisternis, een aardbeving, een scheurend voorhangsel in de tempel en geopende graven. Hemel, hel en aarde werden beroerd door het offer van de Zoon van God, dat alle verhoudingen in de kosmos voorgoed zou veranderen. Jezus’ dood maakte een einde aan de macht van de dood, hij verbrak de heerschappij van de hel en elimineerde de dominantie van de duivel.  Jezus Leven  p 213 (e-editie).

Feit is dat alles de dag na de kruisiging (en wederopstanding??) nog precies hetzelfde was als de dag ervoor. De Batavieren hier merkten er niets van, noch de Chinezen noch de Papoea’s , behalve een klein groepje mensen die een nieuwe religieuze beweging begonnen. De ware impact van dat sterven en de echte overwinning op het kwaad hebben ze maar vooruit geschoven, naar de wederkomst van Jezus Christus. Dat is wel zo handig, dan hoeft er niets bewezen te worden.