Posts tonen met het label Kerst. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Kerst. Alle posts tonen

woensdag 18 december 2019

Piemelpret


                                                                                  Voor een vollediger weergave, klik hier

God moet ooit naar ons beeld zijn geschapen, niets menselijks is Hem immers vreemd. Want wie twijfelt er soms niet aan of je accountant wel de beste deals voor je treft, of je partner wel echt van je houdt en of je beste vriend je wel door dik en dun zou steunen als het erop aankomt?
Om een vriend of vriendin aan je te binden kun je ervoor kiezen om een tatoeage aan te laten brengen op zijn of haar lichaam, bij voorkeur met jouw naam. Daar komen ze dan lastig weer van af.   Of je bedenkt een test waaruit de liefde, dan wel vriendschap moet blijken.

God had ook een beste vriend, nou ja, eigenlijk maar één vriend, Abraham. Hij had ook nog wel een  hele serie naamvrienden die allemaal het teken van trouw aan Hem op hun lichaam droegen. Maar die hadden niet zoveel keus gehad.......

Om zijn vriendschap met Abraham te bevestigen had God namelijk iets bedacht, een op het lijf gekerfd teken van eeuwige trouw: Laat Abraham maar een stukje van zijn piemel opofferen, gewoon die voorhuid wegknippen als teken van verbondenheid.

Genesis 17:  NBG51
10 Dit is mijn ​verbond, dat gij zult houden tussen Mij en u en uw nageslacht: dat bij u al wat mannelijk is ​besneden​ worde; 11gij zult het vlees van uw voorhuid laten ​besnijden, en dat zal tot een teken van het ​verbond​ zijn tussen Mij en u. 

Gelijk dus ook maar voor alle mannetjes in zijn huishouding inclusief de menselijke “spullen”, zijn mannelijke slaven. Dat worden dan wel naamvrienden, maar goed..... :

12 Wie acht dagen oud is, zal bij u ​besneden​ worden, al wat mannelijk is in uw geslachten: zowel wie in uw ​huis​ geboren is, als wie van enige ​vreemdeling​ voor ​geld​ is gekocht, doch niet van uw nageslacht is. 13 Wie in uw ​huis​ geboren is en wie door u voor ​geld​ gekocht is, moet voorzeker ​besneden​ worden; zo zal mijn ​verbond​ in uw vlees zijn tot een eeuwig ​verbond

Je vraagt je af hoe dat gegaan is. Mozes, de biograaf van Abraham rept er niet over, maar je kunt je allerlei scenario’s voorstellen. Het zou wel eens, inclusief de slaven om een paar honderd man hebben kunnen gaan. Abraham was ook een krijgsheer en vocht met zijn slavenleger stammenoorlogen uit.

Waarschijnlijk in één keer aanpakken, aan de lopende band afhandelen. Alle mannen op een rij met hun piemel in de hand. Abraham eerst, bij hemzelf, met een scherp stuk steen of bamboereep of wat voor messen ze toen ook maar hadden. Probeert zijn pijn te onderdrukken. Dat duurt lang en moet efficiënter...    Hoe dan?


God had ooit nog eens een aantal krachtige kerels uit donker Afrika voor Abraham aangekocht.  Handige jongens bedreven in de houtsnijkunst. Die dan maar tot Piemelpieten promoveren.  Eerst bij zichzelf oefenen en daarna de rest aanpakken. Om het wondvocht weg te vegen werden ook nog een paar Veegpieten aangesteld.  Dan dus aan de slag!

Naarmate de Piemelpieten dichterbij kwamen werden die piemels steeds kleiner en schrompelden verder in elkaar. Bij de laatste moest er zelfs naar gezocht worden!!

Het moet een bloedige boel geweest zijn en waar ze die voorhuiden gelaten hebben is onbekend. Er werd toen ook nog niet gescheiden ingezameld en er was nog geen bio-container. Waarschijnlijk werden ze voor de leeuwen geworpen. Dat trucje haalde God wel vaker uit.  Probleem was wel dat die leeuwen de smaak te pakken kregen en er gaan verhalen rond dat toen de eerste eunuchen zijn ontstaan!!!

Abraham heeft zich vast wel eens afgevraagd of God zelf ook een piemel had die besneden kon worden, hij was immers volgens Zijn vriend naar Zijn beeld geschapen. Maar goed, dat vraag je God natuurlijk zomaar niet. En de vrouwen die hadden maar weer mazzel, die hebben mooi een paar weken rust gehad.  
Waren die trouwens ook volgens God naar Zijn beeld geschapen? Was God dan eigenlijk transgender? Dat zou wel mooi zijn voor de LBGT- of zowaar de LGBTQIAP-gemeenschap.

Maar goed, dan kan je vriend of vriendin wel een tatoeage met jouw naam op het lijf hebben of als bewijs van trouw aan Jou besneden zijn, dat bekent nog niet dat je volledig op die persoon aankunt.

God vroeg zich dat bij Abraham ook regelmatig weer af. Hij werd er zelfs een beetje gek van en kwam toen met een uiterst bizar idee. Als Abraham nu bereid was zijn zoon, die Isaak, als brandoffer op te offeren, dan ...

God hield van brandoffers, want als Abraham weer eens een lam of ander dier op een soort altaar legde en daar liet verbranden (wellicht met wierook en wiet ook), dan rook dat zo lekker. Daar raakte Hij altijd een beetje high van en gaf Hem steeds weer een goed humeur en dan werd hij ook heel aardig voor Abraham en gaf Hij hem nog meer spullen, ook levende spullen zoals slaven en slavinnen.


Nou was God ook weer niet echt van plan het hele proces te voltooien, maar wel als test, gewoon om maar eens te zien hoever Abraham bereid was voor Hem te gaan:

22 NBG51
1 Enige tijd later stelde God ​Abraham​ op de proef. ‘Abraham!’ zei hij. ‘Ik luister,’ antwoordde ​Abraham2‘Roep je zoon, je enige, van wie je zoveel houdt, ​Isaak, en ga met hem naar het gebied waarin de Moria ligt. Daar moet je hem ​offeren​ op een berg die ik je wijzen zal.’

Abraham laat er geen gras over groeien maar gaat de volgende morgen al vroeg op stap:

3   De volgende morgen stond ​Abraham​ vroeg op. Hij zadelde zijn ezel, nam twee van zijn knechten en zijn zoon ​Isaak​ met zich mee, hakte hout voor het ​offer​ en ging op ​weg​ naar de plaats waarover God had gesproken. Op de derde dag zag ​Abraham​ die plaats in de verte liggen. Toen zei hij tegen de knechten: ‘Blijven jullie hier met de ezel. Ikzelf ga met de jongen verder om daarginds neer te knielen. Daarna komen we naar jullie terug.’ Hij pakte het hout voor het ​offer, legde het op de schouders van zijn zoon ​Isaak​ en nam zelf het vuur en het mes.

Waar ze het onderweg over gehad hebben, weten we niet, maar toen ze dicht bij de berg Moria waren, begon de zoon toch vragen te stellen:

 7‘ Vader,’ zei ​Isaak. ‘Wat wil je me zeggen, mijn jongen?’ antwoordde ​Abraham. ‘We hebben vuur en hout,’ zei ​Isaak, ‘maar waar is het lam voor het ​offer?’ 

Abraham kon de waarheid niet uit zijn strot krijgen:

 8  Abraham​ antwoordde: ‘God zal zich zelf van een offerlam voorzien, mijn jongen.’

Maar hij gaat dan wel rustig verder en bindt de jongen vast op het altaar. Zou de jongen niet tegengesputterd hebben en gevraagd: “Papa, wat ben je aan het doen?” En zou Adam dan geantwoord hebben: “Niets hoor, we spelen gewoon even een brandoffer spelletje, gewoon voor de lol!” ???

En ik had de ogen van dat mannetje wel eens willen zien, toen zijn vader met opgeheven mes boven hem stond....

9 Toen ze waren aangekomen bij de plaats waarover God had gesproken, bouwde ​Abraham​ daar een ​altaar, schikte het hout erop, bond zijn zoon ​Isaak​ vast en legde hem op het ​altaar, op het hout. 10Toen pakte hij het mes om zijn zoon te slachten.

Gelukkig kon God het niet verder aanzien. Hij had ook net bedacht dat Hij hiermee ook het enorme aan Abraham beloofde nageslacht de kop in ging drukken.  Als de bliksem stuurde Hij er een engel op af:

11 Maar een ​engel​ van de HEER riep vanuit de hemel: ‘Abraham, ​Abraham!’ ‘Ik luister,’ antwoordde hij. 12‘Raak de jongen niet aan, doe hem niets! Want nu weet ik dat je ​ontzag​ voor God hebt: je hebt mij je zoon, je enige, niet willen onthouden.’





Het was dus toch maar gewoon een spelletje, maar voor God ook een beetje een voorproefje van wat Hijzelf van plan was met Zijn Zoon. Die was Hij van plan ooit in de gedaante van één van Zijn poppetjes op aarde geboren te laten worden. En die moest dan ook opgeofferd worden om te laten zien hoeveel Hij nog steeds van die afvallige poppetjes hield. Gelukkig zou dat ook weer goed aflopen, want Hij kon die Zoon ook weer zo tot leven roepen en terughalen in Zijn hemel. Dat viel dus ook wel weer mee en dan zouden alle mensen in de hele wereld Hem geweldig vinden en Hem eer brengen. God begon daar erg naar uit te zien ook al moest Hij nog wel twee duizend jaar wachten. Maar goed, voor God was duizend jaar niet meer dan één dag.

2 Petrus 3:8
 Voor de Heer is één dag als duizend jaar en duizend jaar als één dag.

En omdat het uiteindelijk nog maar twee goddelijke dagen zou duren, was God al met de voorbereidingen van die feestelijke geboorte begonnen. Want het moest een groot en jaarlijks herdacht feest worden. God had er al een naam voor bedacht: Kerst!
Het engelenkoor was al begonnen met repeteren voor de bijbehorende zang. God was wel nieuwsgierig en ging langs om eens te luisteren. Uit de verte klonk het mooi en toen Hij dichterbij kwam kon Hij ook de woorden verstaan:


You better watch out
You better not cry
Better not pout
I'm telling you why
Santa Claus is coming to town

Hè, wat was dat? Over wie ging het daar? Santa Claus!! Maar zo heet Mijn Zoon niet. Wat is hier, in Mijnnaam, aan de gang?.......





Een vrolijk gezegende Kerst toegewenst

---------------------------------------------------------------------------------------------

Klik hier voor de andere delen van Genesis met een glimlach

dinsdag 20 december 2016

Kerst zonder Kristus



Kerst als cultureel feest.


Hoewel nog maar een handjevol mensen zich op zondagochtend naar de kerk begeeft om naar de boodschap over Jezus Christus te luisteren, kan het feest rond zijn geboorte zich in toenemende populariteit verheugen. “Kerst” komt van het Griekse “Christos” en het kerstfeest is dan ook het feest van (Jezus) Christus. Vreemd dus eigenlijk dat “Kerst” zo populair wordt en “Christus” steeds minder. Toch is het wel logisch, want de kersttijd is voor heel veel mensen een tijd van enorme warmte en gezelligheid. En wie wil dat nu missen. Ik heb daar als jongen van 17 wel eens anders over gedacht toen ik gedichtjes schreef zoals:


Kerst dat is het feest van horend doof
En bovendien
Vanwege ’t licht het Licht niet zien.


Of:
Kerst dat is een etalage vol vrede
En “vandaag geen verkoop”
Verborgen voor het oog.


Het tweede gedicht is natuurlijk voor een groot deel van de wereldbevolking nog wel een verdrietig feit, maar kerst is ontegenzeggelijk in het Westen tot een cultureel bezit geworden en het kindje Jezus nemen we daar dan maar, een beetje net zoals Sinterklaas, als een aandoenlijk en onschuldige fantasiepersoon in mee.

Dat het kerstverhaal niet klopt is eigenlijk helemaal zo erg niet, maar het is wel goed om te weten waarom dat zo is.

Herodes was niet koning toen Jezus geboren werd.


Mattheus claimde dat Jezus tijdens het bewind van Herodes de Grootte geboren werd. We weten echter dat Herodes toen al vier jaar dood was. Volgens Lucas was Quirinius op dat moment de Romeinse gouverneur van Syrië. Quirinius kreeg echter pas 10 jaar na de dood van Herodes in 6 AD de macht in Syrië en Judea in handen. Herodes en Quirinius waren kennelijk nooit tegelijk de baas. Dit betekent dus dat er twee Jezussen geboren moeten zijn, die van Mattheus tijdens de regering van Herodes en die van Lucas toen Quirinius aan de touwtjes trok....


Verder vertelt Lucas dat het ging om een volkstelling uitgeroepen door keizer Augustus. Bij zulke keizerlijke volkstellingen ging het echter alleen maar om burgers met de Romeinse nationaliteit. Het is dus erg onwaarschijnlijk dat een eenvoudige timmerman uit het dorpje Nazareth daarvoor op pad moest. En een ster die precies aangeeft in welk gebouw een geboorte plaatsvond, is een illusie.
Frederick Larson produceerde een film die The Star of Bethlehem heet. Hij had daarvoor de nodige research gedaan en kwam tot de conclusie dat de ster de “zwervende planeet Jupiter” was. Planeten maken kennelijk soms een terugkerende beweging en lijken dan even te stoppen. Dit zou dan boven Bethlehem gebeurd moeten zijn. Het is echter onmogelijk dat een planeet precies een bepaald gebouw (of hier “stal”) aanwijst. Of je nou in Jeruzalem of het nabije Bethlehem was, je zou de planeet op dezelfde locatie aan de hemel zien. Dat is zelfs met de maan al het geval, ook al staat die een stuk dichter bij de aarde. Hij kan nooit naar een bepaald object lijken te wijzen.

Mattheus en Lucas hebben hun verhalen pas 80-100 jaar na die geboorte te boek kunnen stellen en in een tijd waarin bijgeloof en legendevorming welig tierde is het geen wonder dat dit soort historische onjuistheden in hun verhalen kropen. Verhalen over kinderen die uit een maagd geboren werden, deden overal de ronde. Van Plato werd geloofd dat hij de zoon was van Apollo en zijn aardse moeder. De Grieks-Joodse filosoof, Philo van Alexandrië, een tijdgenoot van Jezus, vermeldt dat Oudtestamentische helden zoals Isaac en Samuel geboren werden uit onvruchtbare vrouwen door de tussenkomst van de goddelijke Geest. Ook de vroege kerkvader Justin Martyr (100-168 A.D.) geloofde in de mogelijkheid dat dit gebeurde bij niet Joods/Christelijke grootheden, zoals Perseus de zoon van de God Zeus en de aardse Danaë.


“Als ik hoor dat Perseus geboren werd uit een maagd, begrijp ik dat de misleidende slang ook dit heeft nagebootst.”

Satan probeerde dus het Christelijke wonder na te bootsen, zelfs al voor het had plaatsgevonden.

Genoeg materiaal dus voor Mattheus en Lucas om er een mooi verhaal van te maken. Ze hadden ook geen hulp van het eerder ontstane evangelie van Marcus, want die vermeldde niets over de geboorte van Jezus en Paulus van Tarsis die zo’n 20 jaar na de dood van Jezus begon te schrijven liet zich daar ook met geen woord over uit. Zo kwamen dus twee heel verschillende geboorteverhalen tot stand. 


De geboorteverhalen van Mattheus en Lucas
.


In Mattheus krijgen we te maken met drie wijze mannen uit het verre oosten die het kind geschenken brengen. Via hen krijgt Herodes dan een idee van waar deze concurrerende koning geboren werd en hij besluit alle kinderen van 2 en jonger te laten doden. Jozef wordt op tijd gewaarschuwd en vlucht met zijn vrouw en kind naar Egypte. Pas als Herodes dood is keren ze terug naar Israël, niet naar hun woonplaats Bethlehem, maar naar Nazareth in het Noorden waar de zoon van Herodes de macht niet heeft.

In Lucas wonen Jozef en Maria in Nazareth en gaan ze voor de volkstelling naar Bethlehem de stad van hun voorvader David. Hier geen wijze mannen en een moordende Herodes, maar opgewekte herders en vrolijke Engelen. Het gezin blijft na de geboorte keurig in Bethlehem en laat Jezus na acht dagen in Jeruzalem besnijden. Daarna nemen ze nog alle reinigingsrituelen waar die bij een geboorte horen en vertrokken daarop weer naar Nazareth.

In Mattheus wordt Jozef het eerst door een engel op de hoogte gebracht van de te verwachten maagdelijke geboorte, maar in Lucas valt Maria de eer te beurt.

Jezus moet aan David gelinkt worden en beide evangelisten komen dan met een volledig van elkaar verschillende genologie. Volgens Mattheus stamt Jezus af van Salomo, de zoon van David, en zijn grootvader aan vaders kant was Jacob.  Lucas houdt het op een andere zoon van David, namelijk Natan. En de vader van Jozef heette Eli. Waren er dan echt twee verschillende Jezussen?

Maar ook al zou Jozef van David afstammen dan is daarvan bij Jezus geen spoortje DNA te bekennen geweest. Jozef is er nooit aan te pas gekomen, Maria werd immers zwanger zonder geslachtsgemeenschap gehad te hebben.


Kunstmatige uitleg van Oudtestamentische teksten.


Wat veel Joden het meest irriteert is de manier waarop Christenen aan hun geschriften een eigen invulling geven. Mattheus ziet bijvoorbeeld de terugkeer van het gezin uit Egypte als een vervulling van Hosea 11:1 (NBV)



11:1 Toen Israël nog een kind was, had ik het lief;
uit Egypte heb ik mijn zoon weggeroepen.

De zoon waar het hier over gaat is duidelijke Israël zelf en verwijst zeker niet naar de betekenisloze terugkeer uit Egypte van een toekomstige baby verlosser. In de Bijbel in Gewone Taal staat dan ook:



11:1 De Heer zegt: ‘Toen mijn volk nog jong was, hield ik van hen. Net zoals een vader houdt van zijn zoon. Ik heb de Israëlieten teruggeroepen uit Egypte.

Dit is niet het enige voorbeeld van kunstmatige toepassing van Oudtestamentische teksten op het Christelijke verhaal.



Kerst zonder Kristus.


Kunnen we dan nog wel wat met kerst? Waarom ook niet, mooie sprookjes kunnen ook verwarmen en even wegdromen met een baby’tje in een stal omringd door schaapjes en hartelijke herders verrast door zingende engelen ...... Waarom ook niet, het is snel genoeg weer tijd om aan het werk te gaan....


dinsdag 5 januari 2016

Psalm 23: de H*R* is mijn herder.

Wil je de reis door het brein van de kinderen van god blijven volgen, vul je e-mailadres dan hiernaast (rechts) in. Je krijgt daarna een mailtje waarmee je je aanvraag kunt bevestigen.

De HEER is mijn herder



 Stille Tijd


Toen Piet Warmenhoven zich in Leeuwarden West kwam melden, bracht hij niet alleen een Westers accent mee, maar ook de “Navigators”. Als betrokken orthodox synodaal gereformeerde jongen, secretaris van de Gereformeerde Jongemannen Vereniging “Gemme van Burmania” leek het me goed toe om daar eens in mee te draaien. Het zou hier gaan om praktische en toegepaste Bijbelstudie. In mijn puberale geest ging het toch al niet echt goed in de kerk, teveel oppervlakkigheid. Geloof moest toch wel wat dieper kunnen gaan. Ik schreef korte gedichten, zoals

Kerst, dat is de pijn van horend doof

en bovendien

vanwege het licht het Licht niet zien.

Via de Navigator bijbelstudiegroep en volgende Navigator conferenties op Woudschoten, kon ik mijn kind-van-godschap bevestigd krijgen. Ik moest daartoe nog wel even Jezus (voor de zekerheid) in mijn hart vragen, maar dat was snel gedaan. Daarna kon ik gaan groeien om steeds meer op Hem te lijken.   Een belangrijk ingrediënt was daarbij de “Stille Tijd”. Daarvoor had je, het liefst ’s ochtends, een tijd met God nodig. (“Gemeenschap” met God, heette dat in het jargon, een term waar ik nooit goed aan heb kunnen wennen). Het ging daarbij om het lezen en overdenken van een stukje uit de Bijbel, God danken, Hem prijzen en lopende zaken met hem doornemen (o.a. voorbede = bidden voor anderen).

Psalm 23 is een favoriet voor zo’n sessie. Je leest dan eerst het hele stuk en gaat er dan stukje voor stukje doorheen (vertaling NBG):

1. De Here is mijn herder, mij ontbreekt niets;

Tekst                                            Overdenking

De             
Hij is DE Heer, niet zomaar een heer, maar de enige echte.
Here (=Heer)
Hij is de Heer, hij is de baas, heeft de touwtjes in houden. Bij Hem ben ik veilig, aan Hem kan ik me toevertrouwen.

is
Hij Is , was er niet alleen maar in het verleden, maar IS er ook  nu.  En IS er  ook in de toekomst.

mijn
En deze geweldige almachtige God is MIJN herder, heel persoonlijk ook van mij. Hij kent ook mij van binnenuit, ik ben ook Zijn oogappel en Hij heeft een plan voor mijn leven.

herder
Een Herder leidt, zorgt voor de schapen ook als er één afdwaalt. "Jezus, ik dank U dat U ook mij terughaalde ieder keer dat ik van u af dreigde te dwalen."



En dan kan het zijn dat ik wat afdwaalde en mijn gedachten terug gingen naar een gesprek met Jehovagetuigen over de naam van God, die hier telkens als HERE vertaald wordt.  JEHOVA zeggen zij (en veel christenen), maar daar heeft hun stichter, Charles Taze Russell,  zich toch aardig in vergist. Het zou zoiets als  JAHWEH / JAHVEH geweest kunnen zijn. Jehova is gebaseerd op het niet goed begrijpen hoe er met die naam om werd gegaan in het Jodendom. Het Hebreeuwse schrift kende geen klinkers.  De naam werd (aan het Nederlands aangepast), geschreven als JHVH. Maar omdat hij niet uitgesproken mocht worden, vervingen de voorlezers het door ADONAY , wat “Heer” betekent. . Toen het Hebreeuws als taal uit het gebruik verdween en door het Aramees werd vervangen, voegden geleerden klinkertekens toe aan de woorden om de uitspraak niet kwijt te raken. Aan JHVH voegden ze echter de klinkers van aDoNaY toe, zodat je het volgende kreeg:  
J a H o V a H. Daar die laatste H niet uitgesproken wordt kon hij ook wel weggelaten worden en een ”a” zonder klemtoon wordt als “e” uitgesproken, zo dus Jehova.
De rode tekens geven klinkers aan.
 Dat soort afdwalingen zij niet echt de bedoeling en ik moet me weer richten op wat de Heer tot me te zeggen heeft.
2 Hij doet mij nederliggen in grazige weiden;
Hij voert mij aan rustige wateren;
3 Hij verkwikt mijn ziel.
Hij leidt mij in de rechte sporen
om zijns naams wil.

Ik laat dat op me indringen. Rust en verkwikking is iets wat ik goed kan gebruiken en leiding.. Welke weg moet ik gaan, wat is Uw plan met mijn leven?
Het was niet lang na deze vraag dat ik een programma op TransWorld Radio hoorde dat me erg aansprak. Het ging over al die duizenden volkeren die nog geen Bijbel hadden in hun eigen taal. Zou dat Zijn weg voor mij kunnen zijn?

4 Zelfs al ga ik door een dal van diepe duisternis,
ik vrees geen kwaad,
want Gij zijt bij mij;
uw stok en uw staf, die vertroosten mij.


Een echt dal van diepe duisternis had ik nog niet gekend, maar wat wilde ik ook graag nergens kwaad vrezen in de wetenschap dat zijn herdersstok en –staf mij zouden steunen.

Dat lukte zeker niet altijd. Wat ik me nog pijnlijk herinner is dat ik een jongere medegelovige had overgehaald om met mij op de Nieuwstad in Leeuwarden mensen te gaan aanspreken voor een enquête over geloof, in de hoop uiteraard hen over Jezus te kunnen vertellen. We hebben daar wel een uur rond gehangen, maar konden nooit het lef op brengen om iemand aan te spreken. God kan dat soort avonturen toch maar beter aan natuurlijke lefgozers overlaten.

 5 Gij richt voor mij een dis aan
voor de ogen van wie mij benauwen;
Gij zalft mijn hoofd met olie,
mijn beker vloeit over.

Als zendeling in de jaren zeventig was je nog van God afhankelijk. Hij zou voor de benodigde financiën moeten zorgen, daar ging je niet om bedelen. En het kwam ook eigenlijk altijd wel goed, hoewel ik me een overvloeiende beker ook niet kan herinneren. Wel het zoeken in huis naar verdwaalde centen om toch nog voor die dag iets eetbaars te kunnen kopen. Niet dat ik God daar toen de schuld van gaf, het was ook wel een geloofsavontuur. (Dat is wel veranderd, nu vliegen de acceptgirokaarten je om de oren en werden we tot mijn grote verbazing zelfs nog eens gebeld door onze eigen ex Wycliffe Bijbelvertalers Zending met een verzoek om financiële steun!)

6 Ja, heil en goedertierenheid zullen mij volgen
al de dagen van mijn leven;
ik zal in het huis des Heren verblijven
tot in lengte van dagen.
Nou, daar gaat het uiteindelijk om, heil en goedertierenheid. Dat te voelen en in Zijn aanwezigheid te zijn, je leven lang en ook daarna nog. Wat wil je nog meer?

Pas later leerde ik dat er in het Hebreeuws hier in die eerste regel geen lidwoord, zoals DE gebruikt wordt en ook staat er geen IS in het Hebreeuws. Wat er staat is zoiets: “Jhwh herder-mijn” , wat werd vertaald als “DE heer IS mijn herder.” Daar is niks mis mee, maar ik had me in mijn devotie wel op woorden van goddelijke schijn gebaseerd en begon me ook heel langzaamaan te realiseren dat ik liever niet tot in lengte van dagen in een schijnwerkelijkheid wilde leven.

Een Christelijke draai.

Met een beetje fantasie kun je dus aan deze psalm heel mooi een christelijke draai geven en God danken voor die overvloeiende beker, dat heil en die goedertierenheid die je je hele leven zullen volgen. En ook als het niet voorspoedig gaat, kun je erop rekenen dat Hij naast je blijft staan en je erdoor zal helpen. Helaas gaat het gelovigen duidelijk niet voorspoediger dan ongelovigen en God laat hierbij dan ook wel een hele mooie kans liggen om zichzelf te bewijzen.

Ik zou zo’n sessie kunnen beëindigen met het zingen van een verchristelijkte versie van deze Psalm. Let er bijvoorbeeld op dat de Herder in dit lied je niet alleen voorgaat met zijn stok en staf, maar ook met het KRUIS.


The King of Love My Shepherd Is

 By: Henry W. Baker

The King of love my shepherd is,
 Whose goodness faileth never;
 I nothing lack if I am his
 And he is mine forever.

Where streams of living water flow,
My ransomed soul he leadeth
And, where the verdant pastures grow,
With food celestial feedeth.
Eigen intermezzo van I am They
Perverse and foolish oft I strayed,
But yet in love he sought me
And on his shoulder gently laid
And home rejoicing brought me.
In death’s dark vale I fear no ill
With thee, dear Lord, beside me,
Thy rod and staff my comfort still,
Thy cross before to guide me.
Eigen intermezzo van I am They
Volgende vers werd overgeslagen.
Thou spredst a table in my sight;
Thine unction grace bestoweth;
And, oh, what transport of Delight
From thy pure chalice floweth!

And so through all the length of days
Thy goodness faileth never.
Good Shepherd, may I sing thy praise
Within thy house forever.

woensdag 22 juli 2015

Jezus, Kerst en Kindermoord



Klik hier voor volledige weergave in Browser


                     Wat weten we echt van Jezus?

  1. Jezus, Jood en Superstar
  2. Jezus. Messias, genezer en exorcist
  3. Jezus, Kerst en Kindermoord
  4. Jezus, de Waarheid die stierf
  5. Jezus, Johannes en Nag Hammadi
  6. Wil de Ware Jezus opstaan.



Synoptische verschillen
Hoe de verhalen over Jezus uiteindelijk zo’n 40-60 jaar na zijn overlijden opgeschreven werden in de vorm waarin we ze nu kennen, die van Mattheus, Marcus en Lucas, zullen we wel nooit echt weten. Deze drie auteurs komen met een kernverhaal dat ze duidelijk van elkaar of van een gemeenschappelijke bron overgenomen moeten hebben. Ze hebben een gezamenlijke basiskijk op Jezus en z’n leven en sterven en hun verhalen worden dan ook wel de “synoptische” evangeliën genoemd. “Synoptisch” is Grieks voor “samen-kijkend” en onderscheidt deze verhalen van dat van Johannes dat pas aan het einde van de eerste eeuw geschreven werd. De Jezus die daarin naar voren komt is zo anders dat hij behoorlijk schizofreen geweest moet zijn als beide varianten werkelijk beschrijven hoe hij geweest is.

 

Dustin Kensrue - Son of David

Het verhaal van Marcus is het kortst en wordt vrijwel integraal en vaak letterlijk in  Mattheus en Lucas overgenomen. Mattheus gooit de verhaallijn nog wel eens flink door elkaar, terwijl Lucas zich wat meer houdt aan de volgorde van de gebeurtenissen zoals ze in  Marcus verhaald worden. Wel zijn er opmerkelijke detailverschillen. Ontmoet Jezus nu één (Bartimeüs) of twee blinde mannen en was het op het moment dat hij Jericho naderde of net verliet?


Mattheus (BGT 20:29-34)
Marcus (BGT 10:46-52)
Luca (BGT 18:35-43)
29 Jezus en de leerlingen kwamen uit de stad Jericho. Een grote groep mensen liep met hen mee. 30 Er zaten twee blinden langs de kant van de weg. Toen ze hoorden dat Jezus voorbijkwam, riepen ze: ‘Heer, Zoon van David! Heb medelijden met ons!’
46 Jezus en de leerlingen kwamen in Jericho. Ze liepen door de stad, en een grote groep mensen liep mee. Toen ze de stad weer uit gingen, zat er een blinde bedelaar langs de kant van de weg. Hij heette Bartimeüs.
47 Toen hij hoorde dat Jezus uit Nazaret voorbijkwam, begon hij te roepen: ‘Jezus! Zoon van David! Heb medelijden met mij!’
 35 Jezus kwam in de buurt van de stad Jericho. Daar zat een blinde bedelaar langs de kant van de weg. 36 Toen hij hoorde dat er veel mensen voorbijliepen, vroeg hij: ‘Wat is er aan de hand?’
37 De mensen vertelden hem dat Jezus uit Nazaret voorbijkwam. 38 De blinde man begon te roepen: ‘Jezus! Zoon van David! Heb medelijden met mij!’

Waar Mattheus en Lucas niet op Marcus konden leunen hebben ze hun eigen keuzes gemaakt uit de rondvertelde legenden.

De afkomst van Jezus

In het Oude Testament wordt de Messias gezien als een zoon van David, een afstammeling dus van de tweede koning die Israël gehad zou hebben. Voor kinderen van God moet Jezus dus ook van David afstammen. Hij wordt door hen dan ook aanbeden als de Heer der Heren en de Koning der Koningen.

Mattheus en Lucas proberen dit beide aan te tonen en komen met twee volledig verschillende genealogieën. Bij Mattheus gaat de lijn via Salomo, de beroemde zoon van David, maar Lucas laat Jezus afstammen van een andere zoon van David, Nat(h)an. Ook de directe voorouders van Jozef, de pseudovader van Jezus, zijn hele andere figuren in beide versies. En het trieste is dat Jezus maagdelijk geboren werd. Jozef kwam er helemaal niet aan te pas en er was dus helemaal geen bloedverwantschap tussen Jezus en koning David!



Mattheüs 1: 1-
Lucas 3:23- 
David
Salomo
Rechabeam
Abia


:

Eleazar
Mattan
Jakob
Jozef
Jezus



David
Natan
Mattatta
Menna
:
Levi
Mattat
Eli
Jozef
Jezus

Daar het Woord van God betrouwbaar moet zijn, is dit een lastige situatie voor de kinderen van God. Ze proberen er dan ook niet teveel over na te denken en hun theologen buigen zich in allerlei bochten om het nog maar een beetje aannemelijk te maken. Bijv. door te claimen dat de lijn van Lucas wellicht over Maria gaat. Dan moet je de tekst nog wel wat geweld aandoen, want daar staat toch duidelijk dat Eli de vader van Jozef was en niet van Maria. De arme kinderen van God hebben er dan ook nog een theologische encyclopedie bij nodig om alles te kunnen snappen. 
Dat het om verschillende tradities zou gaan in de legendevorming over Jezus, lijkt een veel aannemelijker verklaring.

 De Heilige Maagd.



David Phelps   (Bach/Gounod)

  Tekst
Ave Maria, gratia plena.
Dominus tecum, benedicta tu in mulieribus,
et benedictus fructus ventris tui, Jesus.
Sancta Maria, Mater Dei,
ora pro nobis peccatoribus,
nunc et in hora mortis nostrae.
Amen.
Vertaling
Wees gegroet, Maria, vol van genade.
De Heer zij met u, gezegend zijt gij onder alle vrouwen
en gezegend is de vrucht van uw schoot, Jezus.
Heilige Maria, Moeder Gods,
bid voor ons, zondaars,
nu en in het uur van onze dood.
Amen
Uit de verhalen die er rond de geboorte de ronde deden, hebben Mattheus en Lucas ook zeer verschillende versies gekozen.

In Mattheus krijgt de verloofde van Maria, Jozef, bezoek van een engel die hem het volgende vertelt over de zoon die ze zal baren:

Matteus 1: (BGT)

Maria is zwanger

18 Dit is het verhaal over de geboorte van Jezus Christus.

Maria zou trouwen met Jozef, dat was afgesproken. Maar nog voordat ze getrouwd waren, werd Maria zwanger, door de heilige Geest.

19 Jozef was een goed mens. Hij dacht: Ik kan niet met Maria trouwen, want ze is zwanger van een ander. Ik moet haar wegsturen. Maar dat zal ik in het geheim doen, anders zullen de mensen haar behandelen als een slechte vrouw.

Jozef krijgt een droom

20 Toen kreeg Jozef een droom. In die droom zag hij een engel van de Heer, die zei: ‘Jozef, nakomeling van David, luister! Je kunt rustig met Maria trouwen. Want het kind dat zij verwacht, is van de heilige Geest. 21 Maria zal een zoon krijgen. Je moet hem Jezus noemen. Hij zal zijn volk redden, hij zorgt ervoor dat al hun zonden vergeven worden.’

22 Dat moest allemaal zo gebeuren, want in het boek van de profeet Jesaja staan deze woorden van God: 23 «Een jonge vrouw die nog maagd is, zal zwanger worden. Ze zal een zoon krijgen, en hij zal Immanuel genoemd worden.» De naam Immanuel betekent: God is bij ons.

 De verhalen die Mattheus vertelt lijken sterk ingegeven door de noodzaak voorspellingen (profetieën) uit het Oude Testament in vervulling te laten gaan. In het Grieks van Mattheus wordt eenvoudig gesproken over een ”maagd” die zwanger zal worden en dat verwijst naar Jesaja 7:14 uit een Griekse vertaling van Jesaja (de zgn. Septuaginta-vertaling). Helaas voor Mattheus en de Christenheid na hem, was die vertaling incorrect en wordt er in het meer originele Hebreeuws gesproken over een “jonge vrouw”. En zo zijn we dus door een vertaalfout aan de heilige  maagd gekomen. Die Jozef moet toch wel een beetje een watje zijn geweest om te geloven dat zijn verloofde niet echt vreemd was gegaan. Maar goed dat hij zelf die droom kreeg, want volgens Lucas werd het nieuws aan Maria zelf verteld en moest Jozef haar verhaal maar geloven:

Lucas 1: (BGT)

Maria krijgt een boodschap

26 God stuurde de engel Gabriël naar Nazaret, een stad in Galilea. ...... 27-28 De engel ging naar Maria, een jonge vrouw die zou gaan trouwen met Jozef. Jozef kwam uit de familie van koning David.

De engel zei tegen Maria: ‘Ik groet je, Maria. God heeft jou uitgekozen. Hij zal bij je zijn.’29 Maria schrok van de woorden van de engel. Ze vroeg zich af wat hij bedoelde.

30 Toen zei de engel tegen Maria: ‘Je hoeft niet bang te zijn, Maria. God heeft je uitgekozen voor iets moois. 31 Je zult zwanger worden en een zoon krijgen. Je moet hem Jezus noemen. 32-33 Jezus zal heel belangrijk zijn, hij zal Zoon van de allerhoogste God genoemd worden. En God, de Heer, zal hem koning maken, net zoals zijn voorvader David dat was. Jezus zal voor altijd koning van Israël zijn. Aan zijn macht komt geen einde.’

Maria is verbaasd

34 Maria zei tegen de engel: ‘Maar ik slaap nog niet met een man. Hoe kan ik dan zwanger worden?’ 35 De engel antwoordde: ‘De heilige Geest zal bij je komen. En door de kracht van de allerhoogste God zul je zwanger worden. Daarom zal jouw kind bij God horen, en zal hij Zoon van God genoemd worden.

Kraamverhalen


Nana Mouskouri: Stille Nacht
Er gebeurt van alles bij en na deze geboorte in de kribbe van Bethlehem. Prachtige verhalen waar we bij de Kerstviering erg van kunnen genieten. Herders die door engelen al jubelend het geboortekaartje wordt gebracht en zich dan snel naar het krakkemikkige wiegje begeven. Oosterse wijzen of drie koningen die een ster volgen om de nieuw geboren koning te kunnen bezoeken en van rijke giften te voorzien.
Lucas vertelt het verhaal van de herders, die kennelijk die wijzen uit het Oosten gemist hebben, want daar hoor je Lucas niet over en hij is het niet met Mattheus eens over wat er daarna gebeurde. Volgens Lucas verliep het allemaal heel ordelijk. De ouders bleven gewoon nog even in Bethlehem om hem na 8 dagen te kunnen besnijden. Ook moesten moeders van een zoon zich 33 dagen op afstand houden van alles wat heilig is, volgens de Joodse reinheidsvoorschriften. Na die periode konden ze Jezus in de tempel aan God toewijden, zoals ook dat gebruikelijk was voor de eerstgeboren zonen. Daarna gingen ze weer terug naar hun eigen dorp, Nazaret(h).

Lucas 2: (BGT)
 39 Jozef en Maria deden alles wat verplicht was volgens de wet van God. Daarna gingen ze terug naar huis, naar Nazaret in Galilea.

Wat Mattheus te vertellen heeft is nogal gruwelijk. De drie wijze koningen hadden begrepen dat er een Koning geboren zou zijn. Nou ja, dan denk je toch al gauw dat dat wel aan het koninklijke hof gebeurd is. Koning Herodes maar even vragen waar dat kind precies is. Die schrikt zich het apezuur, want aan toekomstige concurrenten had hij absoluut geen behoefte.  De wijzen moeten het zelf maar uitzoeken, maar hem dan wel laten weten zodra ze het kind gevonden hebben. De ster leidt hen dan naar de kribbe in Bethlehem. In een droom worden ze gewaarschuwd niet aan Herodes terug te rapporteren. Ze vertrekken met de noorderzon weer zo snel mogelijk naar het Oosten. Jozef krijgt in een droom te horen dat Herodes van plan is het kind te doden. Dan maar zo snel mogelijk pleite, naar Egypte, want daar zullen ze wel veilig zijn. Pas toen Herodes dood was durfden ze weer aan terugkeer te denken. Mattheus (of z'n bron) hadden dit aardig bedacht, want nu kwam Jezus terug uit Egypte en was er weer een profetie vervuld:

Matt 2: (BGT)

14 Meteen stond Jozef op. Midden in de nacht vertrok hij met Maria en het kind naar Egypte. 15 Daar bleven ze tot de dood van Herodes.
Dat moest zo gebeuren. Want dat wordt al verteld in de heilige boeken. Daar staan deze woorden van God: «Ik heb mijn Zoon teruggeroepen uit Egypte.»
De komst van Jezus die tot redding had moeten leiden, leidt in plaats daarvan tot een enorme kindermoord. Toen Herodes erachter kwam dat Bethlehem de geboorteplaats was, liet hij alle jongens van twee jaar en jonger daar en in de omgeving vermoorden. Ook dit moest wel even gebeuren om een ander profetie te kunnen laten vervullen:
Matt 2: (BGT)
17 Toen gebeurde er wat al door de profeet Jeremia gezegd was: 18 «In Rama wordt gehuild en geschreeuwd. Rachel huilt om haar kinderen. Ze wil niet dat iemand haar komt troosten, want haar kinderen zijn er niet meer.»

Ok, als ik Jezus geweest was, had ik toch een andere binnenkomst bedacht. Dat dit gesjacher met teksten uit het oude testament kwaad bloed zet bij de joden, kan ik me levendig voorstellen. Dat "terugroepen uit Egypte", verwijst zo duidelijk naar de Joodse uittocht uit Egypte en gaat zeker niet over Jezus. Hier is een stukje uit het verhaal van  Larry Levey, een Joodse jongen die bekeerd werd tot Messiaans Christen, maar weer terugkeerde naar zijn Joodse wortels en prachtig kan vertellen over zijn reis door het evangelische kamp:


  Voor zijn volledige verhaal zie:  Former Jew for Jesus Speaks 

Deze verhalen over Jezus en z'n achtergrond zijn interessant, maar ook volledig onbetrouwbaar. Het is dan ook niet echt handig om je hele leven op deze Jezus te baseren.

In de volgende blog gaan we eens verder kijken naar andere verhalen in de Synoptische evangeliën, o.a. het sterven en weer opstaan van Jezus.