Posts tonen met het label Adam. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Adam. Alle posts tonen

dinsdag 26 mei 2015

Het Heilsplan: De Schepping


Het Heilsplan: De Schepping



Gods interactie met de mens begon toe Hij hem schiep. Helaas liep het al gauw mis met die mooi bedoelde relatie en volgde er een grote verwijdering tussen God en de mens. Ook al had die relatie schipbreuk geleden,  God zette daarna alles in het werk om die mens weer te kunnen omarmen. Dit werd allemaal uitgewerkt in een plan, het heilsplan. Dit plan wordt in de Bijbel beschreven. Maar het begon allemaal zo mooi :

De Schepping

 

  Hoe Groot Zijt Gij



Massale koor- en samenzang vanuit de Martinikerk te Bolsward.
Solist is Lucas Kramer.

O, Heer mijn God, wanneer ik in verwondering
de wereld zie die U hebt voortgebracht.
Het sterrenlicht, het dreunen van de donder,
heel dit heelal, dat vol is van uw kracht.

Dan zingt mijn ziel
tot U, o Heer mijn God:
hoe groot zijt Gij,
hoe groot zijt Gij!



* Oorspronkelijke tekst en melodie: Carl Gustaf Boberg (1859-1940).  Ned: Rikkert Zuiderveld

De Navigator conferenties werden in de jaren zestig gehouden op Woudschoten. Deze conferenties waren altijd een bron van inspiratie door de indringende toespraken van Lee Braes, Roger Anderson, Dr. Winston en anderen, maar ook (en wellicht voornamelijk) door het samenzijn met leeftijdsgenoten bevangen door dezelfde bezieling. Ik herinner me nog een keer pas laat te arriveren en de zaal binnen te komen terwijl “Hoe groot zijt Gij” gezongen werd. Je voelde je instant warm en weer thuis. Het was, denk ik, de Engelse versie  die toen gezongen werd. God heeft al gauw een eigen taal. Het Arabisch voor de Moslims, Hebreeuws voor de Joden, het Sanskrit voor de Hindoes, het Latijn ooit voor de Katholieken, het Statenvertaling Nederlands voor veel protestanten en het Engels is al begonnen de taal van God te worden voor de evangelische wereld.  Veel evangelische sprekers hebben bijvoorbeeld het “halleluja”  al vervangen door “hel-leloeja” (hel-promotie zou je hier eigenlijk niet verwacht hebbenJ!). Ik realiseerde me toen nog niet  hoe opmerkelijk het was dat de leiders en sprekers allemaal Nederlands spraken met een Amerikaans accent, behalve Dr. Winston misschien die een charmant Vlaams accent had aangeleerd. Gods boodschap kwam duidelijk uit Amerika en was al voorafgegaan door o.a. Billy Graham, Oral Roberts en anderen. Amerika als “Gods Own Country” gaf me toen nog niet de kriebels, de emotie van een liefdevolle God die ze meebrachten overheerste. Een majestueuze God wat te zien was in zijn prachtige schepping. Die schepping vond 6000 jaar geleden in zes dagen plaats en verliep kennelijk als volgt (uit Bijbel in Gewone Taal):

De schepping van hemel en aarde


Het begin


1In het begin maakte God de hemel en de aarde.2De aarde was leeg en verlaten. Overal was water, en alles was donker. En er waaide een hevige wind over het water.
De eerste dag

3Toen zei God: ‘Er moet licht komen.’ En er kwam licht. 4God zag hoe mooi het licht was. Hij scheidde het licht en het donker. 5Het licht noemde hij ‘dag’ en het donker noemde hij ‘nacht’.Toen werd het avond en het werd ochtend. Dat was de eerste dag
De tweede dag

.6God zei: ‘Er moet in het midden van het water een koepel komen om het water te verdelen.’ 7En zo gebeurde het. God maakte de koepel. Zo verdeelde hij het water in tweeën: water boven de koepel en water onder de koepel. 8Die koepel noemde God ‘hemel’.
Toen werd het avond en het werd ochtend. Dat was de tweede dag.

De derde dag


9God zei: ‘Het water onder de hemel moet naar één plaats stromen. Dan komt er droge grond tevoorschijn.’ En zo gebeurde het. 10God noemde de droge grond ‘land’, en het water noemde hij ‘zee’.11God zei: ‘Er moet van alles groeien op het land. Planten met zaad en bomen met vruchten.’ En zo gebeurde het. 12Op het land kwamen allerlei planten met zaad en allerlei bomen met vruchten. En God zag hoe mooi het was.
13Toen werd het avond en het werd ochtend. Dat was de derde dag.

De vierde dag
14God zei: ‘Er moeten lichten aan de hemel komen om verschil te maken tussen de dag en de nacht. Die lichten moeten laten zien welk seizoen het is, en welke dag en welk jaar. 15En ze moeten licht geven op aarde.’ En zo gebeurde het. 16God maakte de twee grote lichten. De zon om overdag te schijnen, en de maan om ’s nachts te schijnen. God maakte ook de sterren. 17Hij zette de zon en de maan aan de hemel om licht te geven op de aarde. 18En om het verschil aan te geven tussen dag en nacht, en tussen licht en donker. God zag hoe mooi het was.

19Toen werd het avond en het werd ochtend. Dat was de vierde dag.
De vijfde dag
20God zei: ‘Het water moet vol leven zijn, vol met allerlei dieren. En boven de aarde, in de lucht, moeten vogels vliegen.’ 21God maakte de grote zeedieren en alle kleine waterdieren. Het water was vol dieren. Hij maakte ook alle soorten vogels. En God zag hoe mooi het was.

22God zegende de dieren. Hij zei: ‘Jullie moeten jongen krijgen. Overal in de zee moeten dieren komen, en overal op aarde vogels.’
 23Toen werd het avond en het werd ochtend. Dat was de vijfde dag.

De zesde dag


24God zei: ‘Ook op het land moeten allerlei dieren komen: wilde en tamme dieren, en heel kleine dieren.’ En zo gebeurde het. 25God maakte de dieren, alle wilde en tamme dieren en alle kleine dieren. En God zag hoe mooi het was.
26God zei: ‘Nu wil ik mensen maken. Ze moeten op mij lijken. Ze zullen de baas zijn over de vissen in de zee en de vogels in de lucht. En ook over het vee, over alle kleine dieren en over de hele aarde.’ 27Toen maakte God de mensen. Hij maakte ze zo dat ze op hem leken. Hij maakte ze als man en als vrouw.

28God zegende de mensen. Hij zei: ‘Jullie moeten kinderen krijgen. Zorg ervoor dat er overal op aarde mensen komen. Jullie moeten de baas zijn over de aarde. En ook over de vissen in de zee, over de vogels in de lucht en over alle dieren op het land.’
29God zei ook: ‘Alle planten en bomen op aarde zijn voor jullie. Jullie mogen de zaden en de vruchten eten. 30De bladeren en het gras zijn voor de dieren.’ En zo gebeurde het.

31God keek naar alles wat hij gemaakt had en zag dat het heel mooi was.
Toen werd het avond en het werd ochtend. Dat was de zesde dag.

Genesis 2

God rust op de zevende dag

1Zo werden de hemel en de aarde gemaakt, en alle prachtige dingen die daarbij horen.
2Op de zevende dag was God klaar met zijn werk. Toen rustte hij uit. 3God zegende de zevende dag. Hij maakte van die dag een bijzondere dag. Want op die dag was hij klaar met de schepping en rustte hij uit van al zijn werk.
4Dat is het verhaal van de schepping van de hemel en de aarde. Zo zijn de hemel en de aarde ontstaan.

Dat was allemaal een groot wetenschappelijk wonder natuurlijk, want het werd nacht en het werd weer dag en er was nog nergens een zon te bekennen! De grote kerkhervormer Luther (1483-1546) heeft z’n hersenen daar flink over doen rammelen, maar kwam er uiteindelijk ook niet uit. Veel gelovigen die toch ook wel wetenschappelijk een beetje mee willen tellen, komen met een allegorische oplossing, dan was dat licht en donker niet meer dan een soort beeldspraak voor het principe van licht en duisternis. Luther moest daar niets van hebben, Mozes (de gedachte schrijver van Genesis) schreef over echte feiten en knoeide daar niet ook nog maar even iets figuratiefs tussen door. Als Hij het dus heeft over morgen of dag of avond dan bedoelt hij hetzelfde als wij zouden bedoelen zonder enige allegorie of wat ook maar. Luther suggereert dan dat het eerste daglicht van een andere mindere heldere soort was dan het licht dat later van de zon zou komen.

Er wordt over het algemeen vanuit gegaan dat dit scheppingsverhaal werd opgeschreven in de 6de eeuw v.Chr. en gebaseerd is op bestaande volkslegendes. Wie een Bijbelse jaartelling wil aanhouden komt op een schepping die zo’n vijf tot zesduizend jaar geleden plaats vond. Luther ging daar ook vanuit en veel evangelische leiders doen dat nog steeds. Dat doen ze op basis van het evangelie van Lukas  (3:23-38), waarin het hele geslachtsregister van Jezus tot en met Adam vermeld wordt. Als je dan een gemiddelde leeftijd neemt per geslacht, kun je de ouderdom van het menselijke ras een beetje benaderen.
Het is best wel een mooi verhaal, vind ik, maar het wordt wel een beetje een probleem als je dit als een feitelijk gebeuren wilt beschouwen. De kinderen van god zouden dit het liefst wel doen en hebben dit ook wel massaal zo'n kleine 2000 jaar volgehouden,  maar nu de wetenschappelijke aanwijzingen toch wel onweerlegbaar op een veel langere ouderdom duiden, zijn er onder hen nu ook  die het toch maar liever als allegorie beschouwen, d.w.z. als een (niet feitelijk) verhaal waarin God ons iets wil vertellen, namelijk dat Hij aan het begin stond van alle dingen.
Mijn vader had nog een briljante insteek, namelijk dat de bijbel zegt dat bij God één dag is als duizend jaar en je van die 7 scheppingsdagen dus ook heel goed 7000 jaar mag maken. In het licht van die geprojecteerde ouderdom van miljoenen jaren, kom je daar ook niet veel verder mee.

Het niet meer letterlijk nemen is een beetje het begin van het einde van het evangelische geloof, want zou het Jezus verhaal zelf  dan ook niet meer dan een allegorie kunnen zijn?? En heb je dan bij de Bijbel ook steeds een Encyclopedie nodig met wetenschappelijke en cultureel relevante gegevens? Het neemt de charme weg van het Woord van God waar je op kunt vertrouwen en dat een licht wil zijn op je pad

Gelovigen die ook nog wel wat met de wetenschap mee willen doen, kiezen soms voor het zogenaamde Intelligent Design, daarbij staat er dan wel een persoonlijke intelligentie (God?) aan het begin van de schepping en het ontstaan van allerlei vormen van leven. De verscheidenheid en ingenieuze vormen van leven kunnen niet zomaar, min of meer toevallig, zijn ontstaan, daar moet een  intelligente Geest achter gezeten hebben. Ook zijn er wel Evangelische boegbeelden, zoals Andries Knevel van de EO, die toch maar de evolutie theorie hebben geaccepteerd. Ook hoorde ik Thijs van der Brink (ook van de EO) opmerken dat er heus wel christenen zijn die zowel in Jezus als de Evolutietheorie geloven. Als dat inclusief de Big Bang is, wordt het nog wel moeilijk om daar Adam en Eva ergens een plaatsje in te geven. Ik zelf had de "Doolhoftheorie" bedacht. Wetenschappelijk onderzoek naar het ontstaan van alles begeeft zich door een doolhof en om bij het doel uit te komen moet je de gangen in dat doolhof wel volgen ook al lijkt dat je soms ver af te brengen van waar je uit gaat komen. Als wetenschapper moet je dan ook wel uitgaan van wat wetenschappelijke uitkomsten lijken te zijn. Uiteindelijk aan het eind van die doolhof zullen we zien dat het Bijbelverhaal en de wetenschappelijk reis toch nog heel mooi samenvallen.

Nou ja, je moet toch wat, om in die Bijbel als basis van je bestaan te kunnen vertrouwen. Nu ik een stapje terug heb kunnen  doen, lijkt het zoveel logischer om te geloven dat dat scheppingsverhaal ook maar een verhaal is, zoals er andere scheppingsverhalen zijn in andere culturen en religies. Een mooi maar wel primitief verhaal. Logisch ook voor iets wat 2600 jaar geleden geschreven werd.

Zelfs de vroege kerk had moeite met dit soort verhalen. Een deel van de gelovigen zette het Oude Testament helemaal aan de kant als afgedaan en een andere groep vond dat die Schepper er uiteindelijk toch wel een zooitje van had gemaakt. Ze kwamen met het idee dat de schepper-god niet de hoogste God was. Er was nog een hogere, ware God. Ik kom hier nog wel op terug in blogs over het ontstaan van de Bijbel en de opkomst van het Christendom.

Wat zorgelijker is, is dat religieuze overtuigingen wetenschappelijke kennis vaak in de weg kunnen staan.  Het scheppingsverhaal suggereert een duidelijke idee van een universum waarin de aarde centraal staat.
Griekse filosofen hadden in de derde eeuw voor Christus al bedacht dat dit geocentrische idee wel eens onjuist kon zijn, en dat de zon het middelpunt van ons "universum" was.
We weten dit uit een brief van Archimedes (c. 287 BC – c. 212 BC):

U (koning Gelon) weet dat het 'universum'  de naam is die door de meeste astronomen gegeven wordt aan de bolvormige ruimte waarvan het centrum van de aarde het middelpunt is, ...... Maar Aristarchus gaf een boek uit met bepaalde hypothesen, waaruit zou blijken (als gevolg van de geformuleerde hypothesen), dat het universum vele malen groter  is dan het eerder genoemde  'universum is'. Zijn hypothesen zijn dat de vaste sterren  en de zon zich niet bewegen, en dat de aarde in een cirkel rond de zon draait,

Met de komst van het christendom waarbij de Bijbel ook de wetenschappelijke feiten bepaalde, werd deze lijn van onderzoek volledig aan de kant gezet.
In de vijftiende eeuw kwam Copernicus met zijn boek over de omwentelingen van de hemellichamen, in het kort "Revolutions", waarin hij aantoonde dat de aarde om de zon draaide. Het was toen 1543 en hij stierf kort daarna nog in hetzelfde jaar. Daarmee ontsnapte hij aan de wraak van de kerk. 
Galileo was minder gelukkig, hij schreef een boek dat "De Dialogen" heette, waarin ene Simplicio (een "simpele ziel") debatteert met Copernicus. Er is een scheidrechter die beslist wie met de beste argumenten komt. Die scheidsrechter van Galileo was duidelijk op de hand van Copernicus, hoewel Galileo zelf nog kon zeggen dat hij niet meer deed dan beweringen weergeven. Paus Urban VIII voelde gelijk dat hij met die Simplicio bedoeld werd en verbood de verdere uitgave van het boek in 1632. Uiteindelijk werd het boek op de zwarte lijst van de kerk gezet en kon Galileo er zich uitpraten en een zware straf ontwijken door aan te geven  dat hij het niet allemaal zo bedoeld had.

Pas in 1992 gaf paus Johannes Paulus II toe dat Galileo ten onrechte geleden had onder de handen van de Kerk.

Nog even terug naar het scheppingsverhaal. Want de Schepper kon alles wat Hij gemaakt had dan wel mooi en goed vinden, maar Hij had even over het hoofd gezien dat er tussen al die dieren al een naar, gemeen en listig beest rondsloop (ja, nog niet "kroop") en Hij had ook nog een potentieel bugje in de mens ingeprogrammeerd. Daar heeft Hij waarschijnlijk later best wel eens spijt van gehad. Want het zou niet allemaal mooi blijven...
De volgende keer: De Zondeval

zondag 28 december 2014

De Zondvloed: Goddelijke genocide op grote schaal


De Voortijd.

Er stond ook nog een boom van Eeuwig Leven in die paradijselijke tuin. Daar moest dat eerste mensenpaar maar niet van eten want dan zouden ze niet alleen slecht zijn maar ook  nog eens eeuwig slecht. Dus werden Adam en Eva het paradijs uitgebonjourd. En God plaatste twee bewakers bij de ingang, die heetten "cherubs" en een heen en weer flitsend, vlammend zwaard. Dat waagde je niet om daar langs naar binnen te glippen.

Mijn broeders hoeder
Voordat God zijn plan om de mensen weer met zich te verzoenen in werking stelde, ging het er met het eerste mensen echtpaar niet echt op vooruit. Adam en Eva kregen eerst twee zonen, Kaïn en Abel. Omdat Kaïn dacht dat God Abel hoger achtte dan  hemzelf, maakte hij Abel maar een kopje kleiner. Toen vroeg God hem: “Kaïn, waar is je broertje Abel?”. Hierop antwoordde Kaïn met een gezegde dat wij ook nog wel gebruiken: “Hoe kan ik dat weten, ben ik soms mijn broeders hoeder?”.


Kruimeltje: broeders hoeder:  REP(Rick Engelkes Productie)

Als straf wordt hij het land uitgestuurd en tot zwerven veroordeeld. Zijn grote angst is dat iemand uit de streken waar hij terecht zal komen hem zal willen doden in. Dat is interessant want waar komen die andere mensen dan ineens vandaan?  Had God ergens anders ook nog maar wat mensen geschapen en hadden die toevallig ook allemaal gezondigd?? Als gelovige moet je dat soort raadsels maar gewoon aan God over laten en er niet teveel over nadenken. In ieder geval, het kwam wel goed uit, want zo kon Kain ook nog een vrouw bemachtigen en kinderen voortbrengen.

Adam en Eva kregen ook nog een nakomertje om Abel te vervangen , Seth, heette hij. Waar hij zijn vrouw vandaan haalde is onduidelijk. Adam en Eva hadden ook nog wel wat dochters en wellicht  is hij maar met een van hen getrouwd. De generaties waren nog maar net begonnen, met inteelt zou het dan nog wel wat meevallen, moeten ze gedacht hebben.

‘tJa het is eigenlijk best een leuk verhaal  en staat wat dichter bij ons dan de vergelijkbare scheppingsverhalen, zoals de Enoema Elisj, het Babylonische scheppingsverhaal, dat veel met het Genesis verhaal vergeleken wordt. Hierin en in andere scheppingsverhalen gaat het vaak om elkaar bevechtende goden. Daar kunnen we wat minder mee dan een enkele God en schepselen die alles behalve perfect zijn (wat meer zoals wij!). Hoe mooi ook, het blijft een primitief verhaal, staat haaks op de inzichten van de wetenschap over het ontstaan van de aarde en wat er zich op voortbeweegt. Het is dan ook best een knelpunt voor nadenkende gelovigen.  Het heerlijk primitieve maar wel boeiende verhaal houdt hier ook niet op.
Reuzenbaby's

Het werden oude knarren in die tijd, Adam vierde z’n 960ste verjaardag nog en een van zijn achterkleinkinderen, Methuselach, werd nog 6 jaar ouden, 969 jaar. Hij  wordt ook wel Metusalem genoemd, en geen wonder dat mensen van kranige oudjes nu nog zeggen: “Die is zo oud als Metusalem!”. De mannen werden niet alleen oud, hun dochters zeer schoon. Zo schoon zelfs dat “de zonen van God” zich niet konden beheersen en naar believen maar zo´n dochter tot vrouw namen. Want God had kennelijk vergeten ook wat “dochters van God” voort te brengen en ja wat wil je dan, ... die goddelijke jongens willen ook wel eens wat.  En wat daar uit voortkwam waren .....reuzen!!  Ja, ja! Wat ik niet eerlijk vind is dat de aardse  mensen de schuld kregen van het vergrijp  van de godenzonen. Je hoort dat ook wel eens uit andere (sub)culturen dat een aangerande vrouw moet boeten voor het gebeuren alsof het haar schuld was, maar bij God zou je dat toch niet verwachten. Gelovigen denken meestal dat die zonen van God, geen echte zonen waren, maar niet meer dan engelen. Het zal je maar overkomen dat je dochter met een engel van een schoonzoon trouwt en je kleinkind zo groot is dat hij bij de geboorte al niet meer in de wieg past....



Genesis 6:

1 Toen de mensen zich op de aarde begonnen te vermenigvuldigen en hun dochters geboren werden, 2 zagen de zonen Gods, dat de dochters der mensen schoon waren, en zij namen zich daaruit vrouwen, wie zij maar verkozen. 3 En de HERE zeide: Mijn Geest zal niet altoos in de mens blijven, nu zij zich misgaan hebben; hij is vlees; zijn dagen zullen honderd twintig jaar zijn. 4 De reuzen waren in die dagen op de aarde, en ook daarna, toen de zonen Gods tot de dochters der mensen kwamen, en zij hun (kinderen) baarden; dit zijn de geweldigen uit de voortijd, mannen van naam.

Nou hebben archeologen wel dinosaurussen en andere reuze dieren opgegraven, maar over botten van reuze mensen heb ik ze nog niet gehoord. Het zou kunnen dat die allemaal in de oceaan weggespoeld zijn  want daar ging me toch een overstroming komen.

De zondvloed en de ark van Noach.

 
Er komen stromen van regen (sorry, zegen),


Massale koor- en samenzang vanuit de Nieuwe Kerk te Middelburg. Uitgezonden op 18 april 2009
 

Er komen stromen van zegen,
dat heeft Gods woord ons beloofd;
stromen verkwikkend als regen,
vloeien tot elk die gelooft.

Stromen van zegen,
komen als stortregens neer.
Nu vallen druppels reeds neder;
zend ons die stromen, o Heer.

Er komen stromen van zegen
- heerlijk verkwikkend zal 't zijn -
op de valleien en bergen
zal er nieuw leven dan zijn.

Stromen van zegen,
komen als stortregens neer.
Nu vallen druppels reeds neder;
zend ons die stromen, o Heer.
Vertaling B.D. Dykstra

 

Een van de laatste oude knarren heette Noach en hij was de enige waar God (ook wel HEER genoemd) nog iets goeds in zag. De rest waren gewoon uitermate slecht en konden net zo goed van de aardbodem weggevaagd worden. Hun kinderen ook en zelfs de baby's lagen wellicht al te vloeken in hun wieg.  Weg ermee, dacht God en toen bedacht hij een effectieve genocidale methode: een zondvloed, een overstroming die de hele aarde zou gaan bedekken. Dan ging alles vanzelf wel dood!!

Genesis 6,5-9,29

Noach

5 De HEER zag dat alle mensen op aarde slecht waren: alles wat ze uitdachten was steeds even slecht. 6 Hij kreeg er spijt van dat hij mensen had gemaakt en voelde zich diep gekwetst. 7 Ik zal de mensen die ik geschapen heb van de aarde wegvagen, dacht hij, en met de mensen ook het vee, de kruipende dieren en de vogels, want ik heb er spijt van dat ik ze heb gemaakt. 8 Alleen Noach vond bij de HEER genade.

9 Dit is de geschiedenis van Noach en zijn nakomelingen. Noach was een rechtschapen man; hij was in zijn tijd de enige die een voorbeeldig leven leidde, in nauwe verbondenheid met God. 10 Hij had drie zonen: Sem, Cham en Jafet.

11 In Noachs tijd was de aarde in Gods ogen verdorven en vol onrecht. 12 Toen God zag dat de aarde door en door slecht was, dat iedereen een verderfelijk leven leidde, 13 zei hij tegen Noach: ‘Ik heb besloten een einde te maken aan het leven van alle mensen, want door hen is de aarde vol onrecht. Ik ga hen vernietigen, en de aarde erbij.

Maar goed, God kon z'n vriendje Noach natuurlijk niet mee laten verdrinken. Daar was wel een oplossing voor, een ark, d.w.z. een heel grote boot:



14 Maak jij nu een ark van pijnboomhout. Maak daar verschillende ruimten in, en bestrijk hem vanbinnen en vanbuiten met pek. 15 Maak hem driehonderd el lang, vijftig el breed en dertig el hoog. 16 Je moet er een lichtopening in aanbrengen en aan de bovenkant één el openlaten; de ingang moet je in de zijkant maken. De ark moet een benedenverdieping krijgen en daarboven nog twee verdiepingen.



Uitgaande van een el van 45 cm was de ark135 meter lang bij 22 meter breed bij 13 meter hoog. De maatverhoudingen van de ark volgens Genesis zijn opmerkelijk modern: 30:5:3. Dit is een zeer stabiele vorm voor een schip,
mammoettankers hebben ook deze verhoudingen. Deze schepen danken hun stabiliteit echter aan de motorische aandrijving. Een schip zonder aandrijving in deze verhoudingen zou juist erg instabiel zijn.

En dan krijgt Noach te horen wat het plan is:



17 Ik laat een grote vloed over de aarde komen, een watermassa die haar zal overspoelen, om alles onder de hemel waarin levensadem is te vernietigen; alles op aarde zal omkomen. 18 Maar met jou zal ik een verbond sluiten. Jij moet de ark in gaan, samen met je zonen, je vrouw en de vrouwen van je zonen. 19 En van alle dieren moet je er twee in de ark brengen, om ervoor te zorgen dat die met jou in leven blijven. Een mannetje en een wijfje moeten het zijn. 20 Van alle soorten vogels, van alle soorten vee en van alles wat op de aardbodem rondkruipt, zullen er twee naar je toe komen; die zullen in leven blijven. 21 Leg ook een voorraad aan van alles wat eetbaar is, zodat jullie allemaal te eten hebben.’ 22 Noach deed dit; hij deed alles zoals God het hem had opgedragen.


Noach was ook niet gek en deed dus precies wat God hem bevolen had. Hij werd wel uitgelachen door z'n buren, maar dat kon hem weinig schelen.

Genesis 7
 
1 Toen zei de HEER tegen Noach: ‘Ga de ark in, samen met je hele gezin, want ik heb gezien dat jij als enige van deze generatie rechtschapen bent. 2 Van alle reine dieren moet je zeven mannetjes en hun wijfjes meenemen, van de onreine dieren moet je er twee meenemen, een mannetje en zijn wijfje, 3 en van de vogels weer zeven mannetjes en wijfjes, om hun voortbestaan op aarde veilig te stellen. 4 Want over zeven dagen zal ik het veertig dagen en veertig nachten op de aarde laten regenen; dan zal ik alles wat er bestaat van de aardbodem wegvagen, alles wat ik heb gemaakt.’ 5 Noach deed alles zoals de HEER het hem had opgedragen.

Dat moet wel een prachtig gezicht geweest zijn, dinosaurussen samen met muizen lekker stampend over de gangplank naar binnen. God kwam er later pas achter dat de vissen en de watervogels de dans leken te ontspringen. Hmm, die waren zeker zo slecht nog niet. En toen kwam de vloed:

  10 Toen de zeven dagen voorbij waren, kwam het water van de vloed over de aarde. 11 In het zeshonderdste jaar van Noachs leven, op de zeventiende dag van de tweede maand, braken alle bronnen van de machtige oervloed open en werden de sluizen van de hemel opengezet. .
 
17 De vloed overstroomde de aarde veertig dagen lang. Het water steeg en de ark werd opgetild, zodat hij van de aarde loskwam. 18 Het water op aarde nam steeds maar toe, hoger en hoger steeg het, en de ark dreef op het water. 19 Het water bleef voortdurend toenemen, zelfs de hoogste bergen kwamen onder te staan. 20 Tot vijftien el daarboven reikte het water, de bergen stonden helemaal onder. 21 Alles wat op aarde leefde kwam om, alles wat er rondwemelde: vogels, vee, wilde dieren, en ook alle mensen. 22 Alles wat op het land leefde en ademde vond de dood. 23 Alles wat op aarde bestond werd weggevaagd: de mensen, het vee, de kruipende dieren en de vogels, ze werden van de aarde weggevaagd. Alleen Noach bleef over, met alles wat bij hem in de ark was. 24 Honderdvijftig dagen lang was de aarde helemaal met water bedekt. 

Terwijl God's vriendjes en God's dieren gezellig in die boot zaten, was het buiten hel. Moeders die op het dak van hun huis klommen met hun baby's aan de borst en de grotere kinderen optrokken naar een even nog droge plek. Mannen die met hun kind op de rug in bomen klommen om aan het stijgende water te ontkomen. En dan op het laatste moment als er geen plek meer is om te ontsnappen zien ze hun kinderen gorgelend sterven. Hebben ze nog een laatste vloek uitgesproken of nog een poging gedaan om te bidden: "HEER, ik vergeef het U want U heeft geen idee wat U heeft gedaan!"
 

Genesis 8

1 Toen dacht God weer aan Noach en aan alle wilde dieren en het vee bij hem in de ark. Op zijn bevel begon er een wind over de aarde te waaien, waardoor het water afnam. 2 De bronnen van de oervloed en de sluizen van de hemel werden gesloten, zodat het ophield met regenen. 3 Geleidelijk vloeide het water weg van de aarde; na honderdvijftig dagen begon het te zakken. 4 Op de zeventiende dag van de zevende maand liep de ark vast op het Araratgebergte. 5 Het water zakte voortdurend verder, en op de eerste dag van de tiende maand werden de toppen van de bergen zichtbaar.
 
Noach laat dan eerst een raaf wegvliegen om te zien of er al ergens vegetatie te vinden was en daarna twee keer een duif. De tweede keer komt de duif terug met een olijventak in zijn snavel. De boot blijft dan ook al spoedig op het droge steken.
 

15 Toen zei God tegen Noach: 16 ‘Ga de ark uit, samen met je vrouw, je zonen en de vrouwen van je zonen. 17 Laat ook alle dieren die bij je zijn naar buiten gaan: vogels, vee en alles wat op de aarde rondkruipt. Ze moeten weer vruchtbaar zijn en talrijk worden en de aarde bevolken.’ 18 Hierop ging Noach naar buiten, samen met zijn zonen, zijn vrouw en de vrouwen van zijn zonen. 19 Ook alle dieren gingen de ark uit, soort bij soort, alle vogels, en alles wat op de aarde rondkruipt.

20 Noach bouwde een altaar voor de HEER; daarop bracht hij brandoffers van al het reine vee en alle reine vogels. 21 De geur van de offers behaagde de HEER, en hij zei bij zichzelf: Nooit weer zal ik de aarde vervloeken vanwege de mens, want alles wat de mens uitdenkt, van zijn jeugd af aan, is nu eenmaal slecht. Nooit weer zal ik alles wat leeft doden, zoals ik nu heb gedaan. 22 Zolang de aarde bestaat, zal er een tijd zijn om te zaaien en een tijd om te oogsten, zal er koude zijn en hitte, zomer en winter, dag en nacht – nooit komt daar een einde aan.

Er zat niks anders op voor de kleinkinderen van Noach om maar met elkaar te trouwen, nood breekt nu eenmaal wet. Neef en nicht vrijt licht hebben ze wel moeten denken. Wat nu wel duidelijk was geworden is, dat je God kunt behagen, Hem weer een beetje tot vriend kunt maken,  door hem offers te brengen, maar wel van reine dieren. En uiteindelijk zou dat ook niet goed genoeg zijn, want de dood van reine dieren zou nooit voor de zonde van al ons mensen kunnen volstaan, daarvoor was een veel groter, reiner offer nodig. En dat offer was God aan het voorbereiden, het offer van zijn eigen volledig reine zoon, Jezus Christus. De redding die dan geboden zou worden was ook als een Ark, nu met Jezus aan het roer:'

 
Scheepje onder Jezus hoede - Mannenzanggroep Sion  
 't Scheepke onder Jezus' hoede,
 
't Scheepke onder Jezus' hoede,
met de kruisvlag hoog in top,
neemt als arke der verlossing
allen, die in nood zijn, op.
KOOR:
Al staat de zee ook hol en hoog
En zweept de storm ons voort,
wij hebben 's Vaders Zoon aan boord
en 't veilig strand voor oog.
 
 Maar de Arke der Verlossing moest nog wel even wachten.
Al direct nadat het Christendom was ontstaan gingen er al stemmen op dat zo'n wrede, wraakzuchtige god, niet de vader kon zijn van Jezus Christus. Een van de bekendste was  Marcion (85-160) die leerde dat de schepper god (en de god van het Oude Testament) een inferieure god was geweest en dat er een hogere God was die Zijn zoon naar de aarde stuurde.  Marcion was ook de eerste van wie we weten dat hij een bijbel had samengesteld. Die bestond alleen uit een verhaal over het leven en leren van Jezus en 10 van de brieven van Paulus. Het Oude Testament van de Joden had hij daar helemaal uit weggelaten. Zijn kerk was in grootte jarenlang vergelijkbaar met de katholieke kerk uit die tijd. Tot in de vierde eeuw horen we over "marcionieten". Toen de katholieke ideeën de overhand kregen werden de werken van Marcion vernietigd, zodat we nu alleen nog maar iets over hem weten via zijn tegenstanders en wat die uit zijn werk aanhaalden. Op deze manier weten we ook dat Apelles, een leerling van Marcion, zei niet te geloven dat alle dieren ooit in de ark gepast zouden hebben. Moderne kinderen van God zullen zeggen dat het ging om paren van iedere soort, bijv. "canidae" (hondachtigen) waar zowel wolven als honden onder vallen. Ze laten zo toch een beetje evolutie toe in hun ideeën.
Er zijn nog altijd mensen die denken dat de resten van de ark ergens in het oosten van Turkije te vinden zijn en er worden expedities georganiseerd om hier naar te zoeken.

Volgende bericht:  De toren van Babel