Posts tonen met het label stefan paas. Alle posts tonen
Posts tonen met het label stefan paas. Alle posts tonen

dinsdag 29 november 2016

Review Vreemdelingen en priesters van Stefan Paas



Vreemdelingen en Priesters van Stefan Paas.


Het moet voor de orthodox reformatorische achterban best wel frustrerend zijn. De secularisatie blijft maar door gaan en de aanpak van de (charismatisch) evangelische beweging met haar ogenschijnlijk succes staat veel te ver van haar bed. Maar wat dan wel, hoe kan aan het zendingsbevel nog inhoud gegeven worden?

In dit boek bedenkt Stefan Paas (1969), hoogleraar missiologie aan de Theologische Universiteit Kampen en hoogleraar missiologie en interculturele theologie aan de Vrije Universiteit in Amsterdam, 6 missionaire modellen die volgens hem uiteindelijk niet voldoen of voldaan hebben. Hij komt dan, 2000 jaar te laat, met een te verkiezen model voor Christelijke missie in een postchristelijke omgeving.

Is het verwonderlijk dat dit model heel erg lijkt op een opgesierde versie van hoe het in de orthodoxe achterban al toegaat?
Die zijn immers “bannelingen” in een vreemd land of vreemdelingen in een seculier land en tijdens het lezen begon een  negro-spiritual me dan ook door het hoofd te deunen:

“By the rivers of Babylon, there we sat (bij de pakken) down...”


By the Rivers of Babylon by Boney M


Bij de zes afgekeurde modellen gaat het eigenlijk om verschillende uitgangspunten.

 1 Het volkskerk model.

In dit model ga je ervan uit dat iedereen in een bepaald land bij een bepaald geloof hoort of zou moeten behoren. Paas concludeert uiteraard dat dat model in onze samenlevingen niet meer te handhaven is, daarvoor zijn we veel te individualistisch geworden.

2. Kerk als tegencultuur.

Hier is de opdracht van de kerk en haar leden om radicaal anders te zijn dan haar wereldse omgeving. Alleen zo kan ze anderen winnen om zich bij haar aan te sluiten. Paas draagt aan dat dit model voorbij ziet aan het feit dat gelovigen en ongelovigen in dezelfde wereld leven en in veel opzichten op elkaar aangewezen blijven.

3. Het kerkgroei model.

Bij deze aanpak wordt ingezet op het stichten van nieuwe kerken met een nieuw elan om het verloren gegane geloof weer te herstellen en de hele wereld te bereiken met het evangelie.
Volgens Paas is het echter “niet onze opdracht om de hele mensenwereld te verzamelen in een aanbiddende gemeenschap.”
4. Kerk als transformerende kracht in de wereld.

Het accent ligt hier op participatie in sociale projecten om zo invulling te geven aan het christelijke geloof. Het gevaar ligt hier voor Paas in de vervaging van de inhoud van het christelijke geloof ten faveure van christelijke sociale activiteiten. En dit leidt weer tot toenemende vrijzinnigheid.
5. De kerk binnenste buiten.

Hier is de kerk zelf niet de transformerende kracht, maar moet die kracht vanuit de omringende wereld komen. De kerk laat zich dan meeslepen door bewegingen die streven naar gerechtigheid en vrijheid. God is  mondiaal bezig de wereld te vervolmaken en niet alleen maar (primair) via de kerk. Het belang en unieke van de christelijke boodschap raakt hier volgens Paas ondergesneeuwd door algemene sociale principes.



6. De kerk als krachtcentrale.

Dit model heeft volgens Paas (en m.i. terecht) de meeste invloed en verspreidt zich razendsnel. Het gaat daarbij om de evangelische gemeenten die met charismatisch geweld overal opspringen en vaak tot megakerken uitgroeien. Het lijk mij ook toe dat dit de enige christelijke stroming is die het christelijk geloof nog een mate van aantrekkelijkheid verleent en dit geloof in het Westen nog een aantal generaties in stand kan laten houden. Hier en daar zie je wel een orthodox reformatorische gemeente die openstaat voor dit soort spiritualiteit maar bij de meesten wordt hier (in mijn ervaring) met tegenzin en verholen afgunst tegenaan gekeken. Paas beschrijft de diverse aspecten van deze veelkleurige beweging overigens heel nauwkeurig, maar ook zijn kritiek is voorspelbaar, zoals het gegeven dat het hier vaak om “sheep stealing” gaat en mensen uit andere kerken weggerukt worden. Verder ziet hij de zorgelijkheid van nadruk op bijv. genezing: “Er zijn genoeg verhalen van mensen die beschadigd zijn geraakt door een keiharde genezingsleer”

Dat er mensen beschadigd worden door een orthodox reformatorische leer, is overigens ook genoegzaam bekend. Mag ik bijv. wijzen op het indrukwekkende verhaal van Inge  Bosscha gefilmd en geproduceerd door Gesine Bosscha:  
De laatste bazuin.



Het vreemdelingen- en priestermodel.

Dit Paas-model is gebaseerd op een aantal overwegingen
1.   De ware kerk is altijd een minderheid geweest, ballingen in een vreemde wereld.
Ook vroeger, toen iedereen nog bij de kerk hoorde, waren de meeste slechts nominaal gelovig. Het hedendaagse verschil is dat de nominale gelovigen nu ongelovigen geworden zijn.
2.   Het is niet de bedoeling van God om de hele wereld met het evangelie te bereiken.
Pas bij de wederkomst van Jezus zullen alle volkeren zich voor hem buigen.
3.   Niet iedere gelovige hoeft een persoonlijk ervaring met God gehad te hebben, je kunt ook deelgenoot zijn aan de ervaringen van anderen.
4.   Wees tevreden met de enkeling die zich bij de kerk voegt en zie dat als klein teken en voorproefje van Gods rijk.
5.   De kerk is als zout of gist, d.w.z. iets dat het voedsel (de wereld) smaak geeft. Het kan door haar kleinheid en zonder bedreigend te zijn, een mate van invloed hebben op politiek en cultuur. Ze is als een mooi schilderij dat de wereld niet zal veranderen maar haar wel iets geeft om over na te denken en te praten.
6.   De kerk is als een gemeenschap van priesters. Mede in haar liturgie doet zij voorbede voor de wereld en staat voor haar in de bres.

Je ziet in dit model de typisch reformatorische idee van een predestinatie voortdurend terugkomen. “Is het niet te groot voor ons om te beweren dat iedereen die niet persoonlijk Jezus belijdt verloren gaat? Is die kennis niet aan God voorbehouden?” Paas ziet  het probleem hier ook wel:

“Het is duidelijk dat zo’n visie heel gemakkelijk kan omslaan in passiviteit en naar-binnengekeerdheid. Immers, als God uiteindelijk alles doet, waarom zouden wij ons dan nog druk maken over zending?” Een echte oplossing biedt hij niet en hoe je het ook wendt of keert, het zal het missionaire enthousiasme temperen wat ook duidelijk te zien is aan de orthodox reformatorische praktijk. Je krijgt dan ook het verleggen van aandacht naar bijv. “het verbond” en het opvoeden van je kinderen: “Ik denk dat we pas goed begrijpen wat secularisatie is, als we tot het inzicht komen dat ook geloofsopvoeding evangelisatie is.“

Paas is zich heel bewust van de toenemende secularisatie en de algemene tegenzin tegen het christelijke geloof, maar gaat niet in op de vraag naar het waarom. Dat is dan ook het gapende gat in dit betoog.

Waarom zou de mondiale en nadenkende mens z’n leven nog baseren op een verzameling documenten uit een grijs verleden, met mooie maar ook gruwelijke en wetenschappelijk onhoudbare verhalen. Verhalen over een aarde van 6000 jaar en een alles verzuipende overstroming, over een Jonas die het leven in de maag van een zeedier overleeft, over een Jezus die uit een maagd geboren werd, water in wijn kon omtoveren, op het water kon lopen, dood was en na drie dagen weer levend werd en toen op eigen kracht naar de wolken op kon stijgen..... Prachtige verhalen, maar dan wel uit een sprookjesboek.

Waarom zou je ook denken dat zo’n klein groepje het bij het recht eind heeft en hoe komt het dat van die overwinning op de duivel van die Christus zo weinig te merken is en de uitzonderlijke uitwerking ervan in het leven van de orthodox reformatorische gelovigen niet te bespeuren valt?

Wat spirituele krachtcentrales en vreemdelingen en priesters in hun klein hoekje gemeen hebben is een God waar de moderne mens meestal niet weet wat hij er mee moet.










zaterdag 28 maart 2015

Intermezzo (2): De sprekende slang sist nog na.

De Sprekende Slang
Al Wilson - The Snake (lyrics)
Die slang die Eva wist te verleiden heeft niet alleen bij haar en haar man, maar eeuwenlang in de kerk voor grote commotie gezorgd. We waren bij tante Jannie, bijna 99 jaar oud, en daar lag het Friesch Dagblad. Dat het daar nog lag was een wonder op zich van de hedendaagse wetenschap, want ze kon een jaar geleden noch  tv-kijken noch de krant lezen. Beide konden de deur wel uit, ......tot ze die staaroperatie kreeg en nu beter ziet dan veel jongeren! Maar in ieder geval, dat Friesch Dagblad is wellicht nog het enige Christelijke dagblad in ons landje en in de zaterdageditie kom je nog wel eens wat christelijke geluiden tegen en daar zag ik ineens in het hoofdartikel dat de "sprekende slang" genoemd werd. Ik mocht van Tante de krant wel meenemen.
We waren die slang net in mijn vorige bericht over de zondeval tegengekomen, maar die hoofdredacteur leest mijn blogs (nog) niet. Dat moest dus wel toeval geweest zijn (of Leiding?).

Slangen spreken, normaal gesproken,  niet, maar voor kinderen van God is alles mogelijk en ze geloven over het algemeen dat de Duivel op de een of andere manier dat slangenvel over zich heen getrokken heeft en wel letterlijk door de bek van die slang gesproken heeft.

En het gaat natuurlijk over veel meer dan alleen die sprekende slang. Het gaat erover of ze alles in de bijbel wel letterlijk moet nemen of als historisch feit moet beschouwen. De meeste kinderen van God willen toch wel graag op de letterlijke en historische betrouwbaarheid van "het Woord van God" kunnen vertrouwen.

Een aantal oude kerkvaders zoals Origen en Augustinus dachten daar al anders over. Als je die verhalen letterlijk neemt, maak je jezelf belachelijk bij de niet-christenen, zei Augustinus.

Origen (184/185 – 253/254):

Want wie, met ook maar een beetje verstand, zal zeggen dat..... je kennis krijgt van goed en kwaad door de vrucht te eten van een boom of dat God in de avonduren in het paradijs rondwandelde en Adam zich   achter een boom verborg.....?? 
Ik kan niet zien dat iemand  eraan twijfelt dat hier op een figuratieve manier geheimenissen worden aangereikt.     ( "De Principiis IV, 16". )

En de grote Augustinus (354430 ) die door veel moderne gelovigen op handen gedragen wordt, waarschuwt de kinderen van God niet zo dom over te komen dat ze uitgelachen worden:

Het is te onbetamelijk en schandelijk voor woorden en het moet ook echt voorkomen worden dat zij [de niet-christenen] een christen op zo'n idiote manier over dit soort dingen [in het Genesis-verhaal] horen spreken dat ze hun lachen nauwelijks kunnen bedwingen..

Hij gaat dan verder met te zeggen dat die auteurs, bijv. Mozes als de auteur van Genesis, niet onbekend waren met de werkelijk feiten, maar dat

het niet de bedoeling van de Geest van God, die door hen sprak,  was om de mensen te vermoeien met kennis die niet nuttig was voor hun Redding. ("The Literal Interpretation of Genesis 2:9)"

Deze vrije interpretaties van voor het verstand moeilijk te verteren passages werden niet door alle kerkvaders ondersteund, maar bleven wel getolereerd tot de Reformatie. We hebben al gezien  hoe de hervormer Luther zich verzette tegen een figuratieve / allegorische interpretatie van het Genesis-verhaal. Dit is tot het midden van de vorige eeuw in veel christelijke kringen  nog heel sterk zo gebleven en  het leeft ook nu nog in evangelische en orthodox gereformeerde gemeenten.

In 1924 kwam de Assense gereformeerde dominee Geelkerken in grote problemen toen hij in een preek aangaf dat je het niet letterlijk hoeft te nemen dat de slang sprak. Twee jaar later werd hij door de synode van de Gereformeerde Kerken geschorst en weggezet als "Schriftaanrander"

In de Gereformeerde Kerk (nu PKN) is het nu heel gewoon dat je de bijbel niet te letterlijk neemt, maar in de Christelijk Gereformeerde Kerk en de Vrijgemaakt Gereformeerde Kerk blijft het een heet hangijzer.



Stefan Paas nóg erger dan Geelkerken


In 2011 ontstaat onrust bij de achterban van de Gereformeerde Kerken Vrijgemaakt omdat Stefan Paas werd aangesteld als docent aan hun "Theologische Universiteit" in Kampen. In zijn proefschrift had Paas aangegeven dat het Genesisverhaal zeer waarschijnlijk was gebaseerd op andere [heidense] verhalen uit de oudheid

Volgens zijn critici - een groepje behoudende vrijgemaakt-gereformeerde dominees - zou Paas daarbij nog veel verder durven te gaan dan Geelkerken bijna honderd jaar geleden. Ook al is dat de gangbare overtuiging in de wetenschap, Paas had dat niet mogen zeggen, zeiden zijn critici, "hij gaat daarin nog verder dan die Geelkerken destijds. En Geelkerken wordt in onze kerken nog steeds veroordeeld."

De "Universiteit" bleef achter Paas staan.

Maar in hoeverre moeten kinderen van God de bijbel dan letterlijk nemen? Er is een beweging gaande binnen de  Orthodox Gereformeerde (Calvinistische) kerken richting het Evangelische gedachtengoed. Ze blijven wat mindere enthousiast over de noodzaak van een persoonlijke bekering en Jezus toelaten in je hart en dergelijke. Christen wordt je toch meer binnen de traditie, de kerk, het gezin waarin je opgroeit, maar zodra dat geloof persoonlijk beleden is, begint het christenleven er ook redelijk evangelisch uit te zien. Wel zijn deze calvinisten  meer geneigd om hun mening in duidelijke stellingen (dogma's) vorm te geven en te verdedigen.

Om te weten hoe er in de Evangelische wereld met deze onderwerpen omgegaan wordt, moet je luisteren naar  de toespraken die door de voorgangers in die gemeentes gehouden worden. Ik hoorde Bert de Haan  van de Nehemia-gemeente onlangs nog aangeven dat Adam 5000 jaar geleden geleefd heeft en een niet letterlijk nemen van wat er in de Bijbel staat is uitermate bedreigend voor veel  Evangelische kinderen van God. Voor hen is die Bijbel het Woord van God dat als dagelijks voedsel dient voor hun ziel, het woord van iemand op wie je kunt vertrouwen, aan wiens woorden je niet hoeft te twijfelen en als je daar nu ineens een hele draai aan moet geven om het te begrijpen of  er eerst een Encyclopedie bij moet halen, dan doet dat veel af aan de kracht en de eenvoud van het woord van de Vader. Want waarom zouden de vrijzinnigen dan ook niet gelijk kunnen hebben als ze zeggen dat het sterven en opstaan van Jezus ook allegorisch uitgelegd moet worden?

Je ziet in de Verenigde Staten waar evangelische gelovigen (de Evangelicals) beter georganiseerd en gestructureerd zijn, met hun eigen Opleidingsinstituten, dat de vrijere kijk op de bijbel ook terrein wint. Bij het Fuller Theological Seminar  waar o.a. Billy Graham ooit bij betrokken was luisterde ik onlangs nog naar het verhaal van een docent daar (Nancey Murphy) waarin ze luisteraars aanraadt niet bang te zijn om een letterlijke en historische lezing van het Genesis verhaal los te laten. Haar verhaal komt erop neer dat  het feit dat het Genesis-verhaal historisch niet "waar" kan zijn, niet inhoudt dat het verhaal daarmee niet "waar" is. Het is historisch niet waar, maar theologisch wel waar en bedoeld om "theologische waarheden" te leren. Ja, ja, "theologische waarheden", wat voor waarheden zouden dat dan kunnen zijn???


Nancey Murphy: Narrative Theology  15:01:2015  Dit item werd verwijderd van de Fuller-site.  Hier is een kopie die ik nog had:




Het is interessant om te zien welke bokkensprongen je moet maken om iets recht te praten waar je anders binnen  het systeem waarin je gelooft niet uitkomt. Nancey wil aan de bijbel vasthouden als het Woord van God, geïnspireerd door God, en dan kan het niet zomaar een oud primitief verhaal zijn, zoals andere  verhalen uit de oudheid, bijv. het Babylonische scheppingsverhaal. Het moet gewoon een diepere betekenis hebben. En ze hebben er in Amerika ook een naam voor bedacht: Narrative Theology, d.w.z. een theologie waarbij God door verhalen heen iets duidelijk probeert te maken en die verhalen zelf hoeven niet perse historisch waar te zijn.

Deze ideeën beginnen in Nederland ook al wel wortel te schieten. Een voorbeeld hiervan is Willem Ouweneel, die een soort professor is aan de Evangelische Theologische Faculteit Leuven (België). Ooit bekend als een fervent creationist, in principe iemand die het Bijbelse scheppingsverhaal letterlijk gelooft, maar nu wat voorzichtiger in zijn uitspraken en hard op weg maar op de Narrative Theologie over te stappen. Dat echt voor zich zelf toegeven, komt er nog niet van maar wel uitspraken dat het er niet echt toe doet of bijv. het scheppingsverhaal nu ook historisch waar is. Ook bij hem gaat het nu om de geestelijke boodschap die erin verpakt zit. En je moet goed uitelkaar houden wat wel historisch en feitelijk van belang is en wat niet. De dood en opstanding van Jezus, blijft als historisch feit rechtop staan. Z'n toespraakje hierover vind je hieronder, maar je zult vergeefs zoeken naar een norm om wat belangrijk is te scheiden  van wat er minder toe doet.
En zoals we in de Gereformeerde kerk van Geelkerken kunnen zien, is dat gesjoemel met woorden om nog maar te redden wat er te redden valt, wel het begin van het einde.
Die kerk (nu deel van de PKN) is al grotendeel leeg gelopen, want wie op een beetje een afstandje naar die Bijbelse mythen kan kijken, ziet ze voor wat ze zijn, interessante mythen die een kijkje geven in hoe vorige geslachten over een aantal zaken dachten, maar voor die geestelijke, Goddelijke, boodschap erin, moet je wel heel veel fantasie hebben.


Voor een letterlijke opvatting van Bijbelverhalen zal nog wel even belangstelling blijven bij een (in het Westen slinkende) groep, maar voor die fantasieën is er bij de overgrote meerderheid van de wereldbevolking helemaal geen tijd en ook nauwelijks, vrees ik, bij de kinderen van de narratieve theologen......